Thema’s aangaande Levenseinde (berichten)

‘Hoe euthanasie ons land veranderde’

Langzaamaan is er in Nederland een cultuur van de dood aan het ontstaan. We leggen minder nadruk op volhouden, met lijden omgaan, elkaar erdoorheen slepen, hoop houden. En andere landen…

Langzaamaan is er in Nederland een cultuur van de dood aan het ontstaan. We leggen minder nadruk op volhouden, met lijden omgaan, elkaar erdoorheen slepen, hoop houden. En andere landen schrikken daarvan.

AuteurTheo Boer, universitair docent ethiek aan de Protestantse Theologische Universiteit en Lindeboom hoogleraar Ethiek van de Zorg aan de Theologische Universiteit Kampen

Nederlands Dagblad, 26 april 2018

 

Het was me de week wel weer. Eind vorige week mocht ik de Deense ethiekraad toespreken, een breed samengesteld gezelschap dat de Deense overheid adviseert over ethische kwesties. Deze week mocht ik in Lissabon spreken voor een groot publiek in de Katholieke Universiteit van Portugal en later deze week volgde een televisie-interview met de Turkse zender TRT. De vraag is steeds dezelfde: ‘U hebt verstand van de Nederlandse euthanasiepraktijk en u bent daar kritisch over. Wilt u ons dat uitleggen?’

Bij de Levenseindekliniek is de arts-patiëntrelatie gebaseerd op de euthanasiewens. En artsen bieden daar geen alternatieven meer.

Nu ben ik patriot genoeg om te weten dat we onze goede reputatie niet op het spel moeten zetten. Aan de Nederlandse euthanasiepraktijk is ook veel goed.

Aan een internationaal publiek maak ik dus altijd duidelijk dat ik overtuigd ben van de integriteit van de betrokken artsen. En dat ik mij – anders dan veel rooms-katholieken – euthanasie als noodmaatregel wel degelijk kan voorstellen.

onstuitbare opmars

Dat is ook in lijn met de Nederlandse wet, die zegt dat doding op verzoek nog steeds verboden is en alleen van geval tot geval te rechtvaardigen is. Vanwege dit precaire evenwicht – voorafgegaan door jarenlang polderen en omgeven door een toetsingsprocedure en vijfjaarlijkse evaluaties – kreeg Nederland internationaal het nodige aanzien.

Toch is het mijn indruk dat ook onder veel vrijdenkende buitenlanders de bewondering aan het afnemen is. Dat heeft alles te maken met de ontwikkelingen van de laatste twaalf jaar.

De euthanasiemeldingen zijn aan een onstuitbare opmars bezig, ondanks het feit dat er steeds betere zorg aan het levenseinde bestaat.

De aanleidingen voor euthanasie verbreedden zich, van terminale situaties naar elke ervaring van langdurig ondraaglijk lijden, ongeacht de medische oorzaak en de levensverwachting.

Jaarlijks sterven honderden mensen die nog jaren – velen van hen zelfs tientallen jaren – hadden kunnen leven.

arts-patiëntrelatie

Euthanasie wordt steeds verder uit de bestaande arts-patiëntrelatie losgeweekt. De Levenseindekliniek – waar de arts-patiëntrelatie gebaseerd is op de euthanasiewens en waar artsen geen alternatieven kunnen bieden – stevent af op 1000 gevallen in 2018.

Zelfs de geroemde transparantie is maar relatief: landelijk worden 1300 euthanasiegevallen niet gemeld, meer dan ooit sinds de Euthanasiewet in werking trad. En dan laten we de 200 gevallen van levensbeëindiging zónder verzoek nog onbesproken.

dood als oplossing

Nog een punt van zorg is de niet aflatende campagne voor de dood als oplossing bij ernstig lijden. Er is vrijwel geen dag dat we er in de media niet ergens iets over vernemen.

Journalist Gerbert van Loenen onderzocht (2015) veertig mediaproducties over euthanasie en ontdekte dit stramien: geen moeilijke vragen, steevast empathie en bewondering.

Een recent voorbeeld is hoe De Stentor eind januari aandacht besteedde aan de euthanasie bij de 29-jarige Aurelia Brouwers. Acht bladzijden euthanasie in één krant, de overlijdensadvertentie paginagroot op de voorpagina, interviews met psychiaters en alles met één boodschap: complex, maar toch vooral dapper, integer, barmhartig, taboedoorbrekend. Ook voor het religieuze publiek was gezorgd: God vindt euthanasie óók goed. Zo is het gebouw aan alle kanten dichtgetimmerd.

Maar is euthanasie dan geen goed alternatief voor een gewelddadige zelfdoding? In individuele gevallen misschien wel. Maar lang niet alle suïcides kunnen worden voorkomen door een aanbod van euthanasie, simpelweg omdat het vaak gaat om impulssuïcides, waarbij de betrokkene bovendien bewust een gewelddadige manier kiest.

Ondertussen blijken de suïcidecijfers hier harder te stijgen dan in de landen om ons heen die géén euthanasie kennen: de afgelopen tien jaar daalden de zelfdodingscijfers in Duitsland met 10 procent, maar gingen ze in Nederland juist met ruim 30 procent omhoog.

wanhoop in de cultuur

Langzaamaan is er in Nederland een cultuur van de dood aan het ontstaan. Want zoals we weten sinds Goethes roman Die Leiden des jungen Werthers (1774) – de zelfdoding van de jonge hoofdpersoon werd in het echt door velen nagevolgd – is wanhoop ook een cultureel verschijnsel. Ik acht inmiddels bewezen dat legalisering van euthanasie onze samenleving diepgaand heeft veranderd – we leggen minder nadruk op volhouden, met lijden omgaan, elkaar erdoorheen slepen, hoop houden.

En hoewel inmiddels wel wat tegenstemmen zijn te horen (zoals bij voltooid leven en dementie), is het einde van de ingeslagen weg nog ongewis.

toekomstbeeld

Veel buitenlanders die – zoals wij dat ooit deden – euthanasie als nood­oplossing kunnen billijken, schrikken bij dit toekomstbeeld.

De weinige landen die ons zijn nagevolgd, nemen aanzienlijk strengere eisen in hun wetten op: volledige wilsbekwaamheid tot het einde en een spoedig te verwachten, natuurlijk levenseinde zijn daar maar twee voorbeelden van.

Binnenkort ‘mag ik weer’, nu op Harvard Law School. Ik ben bang dat ik het niet mooier kan maken.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor ‘Hoe euthanasie ons land veranderde’

Artsen en ouderen positief over ‘kwetsbaarheidstest’

Het voorstel van GroenLinks om ouderen te testen voor een ingrijpende behandeling is goed ontvangen. „Een opname is niet altijd de goede keuze.” NRC 23 april 2018, Enzo van Steenbergen en…

Het voorstel van GroenLinks om ouderen te testen voor een ingrijpende behandeling is goed ontvangen. „Een opname is niet altijd de goede keuze.”

NRC 23 april 2018, Enzo van Steenbergen en Frederiek Weeda

 

De ouderenbond ANBO, artsenorganisatie KNMG en Verenso, de vereniging van specialisten ouderengeneeskunde, reageren positief op het voorstel van Kamerlid Corinne Ellemeet (GroenLinks) om ouderen die in het ziekenhuis komen te testen op kwetsbaarheid voordat ze een ingrijpende behandeling krijgen zoals een operatie, chemokuur of dialyse.

In haar maandag gepresenteerde initiatiefnota Lachend tachtig (Initiatiefnota Corinne Ellemeet GroenLinks, Zorg in Evenwicht) bepleit Ellemeet dat arts en oudere patiënt afzien van ingrijpende, dure, behandelingen die patiënten „slechter het ziekenhuis uit laten komen dan ze erin gingen”. Enkele ziekenhuizen, zoals het Leidse LUMC en het HagaZiekenhuis in Den Haag, doen sinds kort zo’n kwetsbaarheidstest bij alle 70-plussers die binnenkomen.

Atie Schipaanboord, beleidsadviseur van de ANBO, noemt zo’n test „legitiem”. „Je moet het niet doen om kosten te besparen, al is dat soms misschien wel het effect. Je moet het doen als je je afvraagt; wat doen we die oude persoon aan? Een opname, ziekenhuisbed, pijn, medicijnen. Dat is niet altijd de goede keuze.”

Ook de KNMG waardeert het voorstel, laat voorzitter René Héman weten. „Het uitgangspunt moet de kwaliteit van zorg zijn. Leidt dit tot besparingen, dan is dat mooi meegenomen, maar het kan nooit het doel zijn. Je kunt denken aan richtlijnen die niet alleen gericht zijn op doen, maar ook op laten.”

Nienke Nieuwenhuizen, voorzitter van de vereniging van verpleeghuisartsen, zegt ook: „Behandelen hoeft niet altijd ingrijpen te zijn. Andere pillen geven, of een katheter – dat zijn ook medische beslissingen.” Eigenlijk, zegt zij, moet de oudere al eerder getest worden op kwetsbaarheid: door de huisarts of wijkverpleegkundige.

De politiek reageert voorzichtig. Tweede Kamerlid Pia Dijkstra (D66) laat weten een verplichte screening vanaf 65 jaar niet te zien zitten. „Dat gaat mij wat ver. Zorg op maat geven betekent ook dat je naar het individu kijkt en niet alleen naar leeftijd.” Het CDA zegt „altijd al” voorstander te zijn geweest van het kijken naar alternatieven die kunnen leiden tot het niet-behandelen van ouderen.

 

Reacties uitgeschakeld voor Artsen en ouderen positief over ‘kwetsbaarheidstest’

‘De beste zorg is soms ook om ouderen niet te behandelen’

Corinne Ellemeet Veel ouderen hebben het zwaar – of ze thuis wonen of niet, stelt GroenLinks in een initiatiefnota. Aan eindeloos behandelen is niet altijd behoefte. En ja, minder medisch ingrijpen…

Corinne Ellemeet Veel ouderen hebben het zwaar – of ze thuis wonen of niet, stelt GroenLinks in een initiatiefnota. Aan eindeloos behandelen is niet altijd behoefte. En ja, minder medisch ingrijpen kan ook geld schelen.

Interview van Enzo van Steenbergen met Corinne Ellemeet /Groen Links

NRC 22 april 2018

 

Ze noemt het „de olifant in de kamer” in Haagse debatten over ouderenzorg: praten over hoge kosten van operaties bij oude mensen in het ziekenhuis. GroenLinks-Tweede Kamerlid Corinne Ellemeet wil er niet langer omheen draaien: er moet beter gekeken worden naar het nut van operaties bij mensen op leeftijd. En ja, dat zal bijdragen aan het betaalbaar houden van de zorg.

Ouderen, zo hoorde ze in gesprekken met artsen, willen helemaal niet altijd nóg een operatie, nóg langer in het ziekenhuis liggen. „We moeten ouderen in het ziekenhuis eerder en eerlijker vertellen wat de gevolgen kunnen zijn van een operatie”, zegt Ellemeet. „De beste zorg is soms niet behandelen. Maar als je dat zegt, krijg je al snel het verwijt: GroenLinks wil besparen op ouderen. Het tegendeel is waar: veel ouderen willen helemaal niet de medische molen in als hun kwaliteit van leven daardoor achteruitgaat.”

Ellemeet presenteert deze maandag haar initiatiefnota ‘Lachend Tachtig’, waarin ze de visie van GroenLinks op de ouderenzorg uiteenzet. Ze sprak de afgelopen maanden met tientallen mensen die werken in de ouderenzorg. In het plan komt ze met politiek gevoelige kritiek op het ‘overbehandelen’ van ouderen in het ziekenhuis.

Bij het LUMC in Leiden wordt bij 70-plussers de kwetsbaarheid gemeten. Op grond daarvan kan een arts een ingrijpende behandeling afraden en soms is dat een opluchting voor een patiënt.

Voor haar nota onderzocht ze het leven van thuiswonende ouderen. Die groep is volgens haar onterecht ondergesneeuwd door de grote politieke belangstelling voor verpleeghuizen, waar grote zorgen waren over de leefbaarheid voor mensen. Zo was er maatschappelijke verontwaardiging over ouderen die soms door personeelsgebrek lange tijd niet geholpen werden als de urine langs hun enkels stroomde.

Maar van de drie miljoen 65-plussers woont 94 procent nog thuis, naar schatting zijn ruim 700.000 ouderen zeer kwetsbaar. Ze hebben ziektes, ouderdomskwalen, kunnen zichzelf niet altijd redden.

De GroenLinks-nota geeft geen positief beeld van de situatie van deze ouderen. In 2012 werd besloten verzorgingshuizen te sluiten. Ouderen moeten langer thuis blijven wonen, maar volgens GroenLinks is Nederland daar helemaal niet klaar voor. Ellemeet wijst er bijvoorbeeld op dat spoedeisende hulpposten overvol raken door toestroom van ouderen. Uit een onderzoek uit 2016 blijkt dat inderdaad: op 70 procent van de spoedposten is wekelijks sprake van overbelasting. Ook ziet ze mantelzorgers die overbelast raken – het SCP concludeerde een paar maanden geleden dat 10 procent van hen te zwaar belast is.

Dreigt mensonwaardig leven ook voor thuiswonende ouderen?

„Je ziet het nu al bij de relatief kleine groep kwetsbare ouderen. Op de spoedeisende hulpposten, bij wijkverpleegkundigen die zien dat ouderen het soms niet meer aan kunnen thuis, aan overbelaste mantelzorgers. Dat zijn veel signalen dat kwetsbare ouderen hun hoofd bijna niet boven water kunnen houden. Als je dan bedenkt dat we een enorme vergrijzingsgolf krijgen, dan weet je dat we nu maatregelen moeten nemen.”

Het zijn directe gevolgen van de sluiting van verzorgingshuizen. Jullie stemden daar ook voor.

„Ik geloof erin dat ouderen langer thuis willen wonen en de regie over hun leven willen behouden. Ik wil binnen de huidige regels kijken of we kunnen zorgen voor betere woningen, betere samenwerking in de ouderenzorg. Ik wil ouderenpoliklinieken in de wijk en acute zorg voor ouderen dicht bij huis.”

U stelt dat ouderen, als ze eenmaal in het ziekenhuis komen, te snel worden behandeld. Waarom?

„Of je nu oud bent of niet, de praktijk is nu: behandelen. Artsen baseren zich op medische richtlijnen, ook bij ouderen, maar die richtlijn gaat vaak uit van jongere en relatief gezonde mensen. Ouderen komen vaak niet meer terug op het niveau van vóór de operatie. Daar moeten we eerlijk over zijn. Ik zou graag willen dat iedere oudere die in het ziekenhuis komt meteen wordt gescreend op kwetsbaarheid. In een gesprek met een gespecialiseerde ouderenarts kunnen ouderen dan bepalen wat ze nog willen.”

Ouderen hebben toch ook het recht om beter te worden?

„Natuurlijk! En de keuze blijft altijd aan de oudere zelf. Als iemand geopereerd wil worden, dan moet dat kunnen. Maar laat ik een voorbeeld geven. Het kan zijn dat een oudere hartklachten heeft en een openhartoperatie een optie zou zijn. Dat is heel ingrijpend. Veel ouderen herstellen langzaam, ze zijn dan ook kwetsbaar voor bijvoorbeeld een longontsteking. Als zo iemand lang op bed ligt, verliest diegene veel spierkracht. De oudere gaat zwakker het ziekenhuis uit.”

Wel een risico om expliciet de koppeling te maken tussen minder behandelen en kosten besparen.

„Van dat taboe moeten we maar eens af. We kunnen gewoon benoemen dat we kosten besparen als we minder behandelen. Ouderen willen zelf ook weten wat de gevolgen kunnen zijn van een operatie. Dat zou ik, als kind, ook willen weten als mijn ouders in het ziekenhuis kwamen. Ik zou niet willen dat mijn moeder eindeloos wordt geopereerd, er zwakker uitkomt, nooit meer herstelt. Als je zo denkt, dan is deze discussie helemaal niet eng.”

 

Reacties uitgeschakeld voor ‘De beste zorg is soms ook om ouderen niet te behandelen’

Het gewone sterven blijft onderbelicht

Trouw, OPINIE, 13 februari 2018 Auteur:  Manon vanderkaa, Laten we in deze Week van de Euthanasie meer aandacht vragen voor palliatieve zorg. En op die manier ruimte maken voor het ‘gewone…

Trouw, OPINIE, 13 februari 2018

Auteur:  Manon vanderkaa,

Laten we in deze Week van de Euthanasie meer aandacht vragen voor palliatieve zorg. En op die manier ruimte maken voor het ‘gewone sterven’, zoals 95 procent van alle mensen doet.

We zitten midden in de Week van de Euthanasie. Een jaarlijks terugkerend verschijnsel, met veel aandacht in de landelijke media en binnen het publieke debat. Op zich niet verwonderlijk, want het is een belangrijk onderwerp. Maar meer dan 95 procent van alle mensen sterft zonder euthanasie. En voor dit ‘gewone sterven’ mag best meer aandacht zijn, zo bepleit seniorenorganisatie KBO-PCOB.

Goede informatie en discussie over grenzen en mogelijkheden van euthanasie, dat is een prima zaak. Minder enthousiast is KBO-PCOB echter over de eenzijdige focus op euthanasie. Welke ruimte is er nog voor het gesprek over het ‘gewone’ doodgaan? De huidige beeldvorming rond ouder worden en sterven wekt de indruk dat ondraaglijk lijden en euthanasie daar onlosmakelijk mee verbonden zijn. En dat is vaker niet dan wel het geval. Voor een realistisch en positiever beeld rond ouder worden en sterven is het noodzakelijk dat er meer aandacht komt voor andere vormen van ‘gewoon sterven’, naast euthanasie. Het staat buiten kijf dat er serieuze aandacht en goede begeleiding nodig is bij een euthanasiewens, maar waardig sterven staat niet per definitie gelijk aan euthanasie.

‘Waardig sterven’ staat niet per definitie gelijk aan euthanasie

Hoe waardig sterven wordt ervaren spreekt uit de vele ervaringen die ouderen met ons delen. Over hoe goed ze terugkijken op het stervensproces van een dierbare of hoe dankbaar ze zijn omdat ze hun partner – met de nodige hulp – tot het einde hebben begeleid en nabij konden blijven, en hoe waardevol ze begeleiding van bijvoorbeeld het hospice hebben ervaren. Het gaat in deze verhalen niet om actieve stervenshulp, maar om goede palliatieve zorg.

Goede zorg en begeleiding in de laatste levensfase zijn van grote betekenis en waarde, zowel voor de stervende als voor zijn naasten.

Ook goed kunnen terugkijken op het sterven van een naaste helpt, bij de rouwverwerking en het oppakken van het leven na een ingrijpend verlies. Daarom is meer bekendheid en aandacht voor de rol van goede palliatieve zorg van groot belang.

Juist deze zorg kan verlichting bieden bij fysiek en mentaal lijden, maar biedt ook ondersteuning bij levensvragen die spelen rond het sterfbed. Laten we daarom als samenleving, naasten en zorgverleners meer aandacht vragen voor palliatieve zorg en op die manier ruimte maken voor het ‘gewone sterven’. Want sterven doe je – zoals nagenoeg alles in het leven – bij voorkeur niet alleen.

 

Reacties uitgeschakeld voor Het gewone sterven blijft onderbelicht

Kamerleden blij met onderzoek Laatste Wil

ACTUEEL / ANP, 21 maart 2018 DEN HAAG (ANP) – Kamerleden zijn blij dat het Openbaar Ministerie een strafrechtelijk onderzoek is begonnen naar de Coöperatie Laatste Wil (CLW). ,,Goed dat…

ACTUEEL / ANP, 21 maart 2018

DEN HAAG (ANP) – Kamerleden zijn blij dat het Openbaar Ministerie een strafrechtelijk onderzoek is begonnen naar de Coöperatie Laatste Wil (CLW). ,,Goed dat het OM in actie komt”, twittert fractievoorzitter Kees van der Staaij van de SGP. ,,Aanpak van deze gevaarlijke club en van verkoop zelfmoordpoeder is dringend nodig.”

Ook Kamerlid Carla Dik-Faber van de ChristenUnie juicht het onderzoek toe. ,,Ik maak me al langer ernstige zorgen om de verspreiding van een zelfmoordpoeder via de CLW, nota bene zonder dat er controle is op wie het middel in handen krijgt.”, laat zij weten. ,,Wat hier op het spel staat, is de veiligheid van kwetsbare mensen in onze samenleving.”

In een brief aan de Tweede Kamer laat minister van Justitie Ferd Grapperhaus weten dat alleen een arts onder strenge voorwaarden mag helpen bij euthanasie. ,,Voor ieder ander is hulp bij zelfdoding, of het verschaffen van middelen daartoe, een strafbaar feit”, aldus de bewindsman.

De Tweede Kamer vroeg minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid eerder deze week met de CLW te gaan praten. Aanleiding was de dood van een 19-jarige vrouw die vorige maand met behulp van een door die organisatie gepromoot zelfdodingsmiddel een einde aan haar leven maakte. Maar zo’n gesprek is niet langer opportuun nu het OM de zaak in onderzoek heeft, meldt Grapperhaus.

Reacties uitgeschakeld voor Kamerleden blij met onderzoek Laatste Wil

Vijftien jaar euthanasiewet: belangrijkste cijfers 2017

Nieuwsbericht van Regionale Toetsingscommissies (RTE’s), 07 maart 2018   In 2017 hebben de toetsingscommissies 6.585 meldingen van euthanasie ontvangen. 99,8% werd als ‘zorgvuldig’ beoordeeld. De groei is vergelijkbaar aan voorgaande…

Nieuwsbericht van Regionale Toetsingscommissies (RTE’s), 07 maart 2018

 

In 2017 hebben de toetsingscommissies 6.585 meldingen van euthanasie ontvangen. 99,8% werd als ‘zorgvuldig’ beoordeeld. De groei is vergelijkbaar aan voorgaande jaren. In 2017 overleden er in Nederland 150.027 mensen. In 4,4% van de overlijdens is er euthanasie toegepast .

In bijna 90% van de gevallen betreft het patiënten die lijden aan niet meer te genezen kanker, aandoeningen van het zenuwstelsel (zoals Parkinson, MS, ALS), hart- en vaataandoeningen, longaandoeningen of een combinatie van deze. Het hoogste aantal meldingen van euthanasie heeft betrekking op de leeftijdscategorie 70-80 jaar, namelijk 2.002 (30,4%), gevolgd door de leeftijdscategorie 80-90 jaar, namelijk 1.634 (24,8%) en 60-70 jaar, namelijk 1.405 (21,3%).

Dementie

In drie gevallen betrof het patiënten in een stadium met een ver(der) gevorderde dementie waarbij de schriftelijke wilsverklaring een rol speelde. Bij 166 meldingen vormde de beginfase van dementie de grondslag van het lijden.

Psychiatrische aandoeningen en stapeling van ouderdomsaandoeningen

In 83 meldingen van euthanasie vond het lijden zijn grondslag in een psychiatrische aandoening en in 293 meldingen was de oorzaak van ondraaglijk en uitzichtloos lijden een stapeling van ouderdomsaandoeningen zoals visusstoornissen, gehoorstoornissen, osteoporose, artrose, evenwichtsproblemen en cognitieve achteruitgang. Deze, veelal degeneratieve, aandoeningen treden doorgaans op oudere leeftijd op.

Zorgvuldig

Kohnstamm: ‘Ondanks de stijging van het aantal meldingen is de conclusie dat de euthanasiepraktijk in Nederland een zeer zorgvuldige is. De artsen leven de wet voor het leeuwendeel zorgvuldig na.’

De Code of Practice is geupdate en wordt omgedoopt tot Euthanasiecode. Deze wordt tegelijk aangeboden met het jaarverslag aan onder andere de minister van VWS. Om de jaarcijfers niet teveel in de schaduw te laten staan van de Euthanasiecode presenteren we de grote cijfers eerder. Deze zijn erg belangrijk, omdat de Euthanasiewet in 2017 alweer 15 jaar oud is.

 

Reacties uitgeschakeld voor Vijftien jaar euthanasiewet: belangrijkste cijfers 2017

Vier onderzoeken OM naar ‘onzorgvuldige’ euthanasie

Medisch Contact, 08 maart 2018 Auteur: Eva Nyst   Het Openbaar Ministerie start in vier zaken die door de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE’s) in 2017 als onzorgvuldig zijn beoordeeld, een…

Medisch Contact, 08 maart 2018

Auteur: Eva Nyst

 

Het Openbaar Ministerie start in vier zaken die door de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE’s) in 2017 als onzorgvuldig zijn beoordeeld, een strafrechtelijk onderzoek. Het totaal aantal onzorgvuldig geachte euthanasiezaken in onderzoek komt daarmee op vijf.

De toetsingscommissies spraken in 2017 twaalf keer het oordeel onzorgvuldig uit op een totaal van 6585 zaken. Twee zaken daarvan worden door het OM nog beoordeeld. In vier van de tien andere zaken kondigt het OM nu een strafrechtelijk onderzoek aan, tegen twee huisartsen en twee specialisten ouderengeneeskunde, in de zes overige niet. Als de onderzoeken zijn afgerond, beslist het College van Procureurs-Generaal om wel of niet te vervolgen.

De officier van justitie in Noord-Holland onderzoekt twee zaken van dezelfde specialist ouderengeneeskunde van de Levenseindekliniek. Het ene onderzoek richt zich op de dood van een 67-jarige vrouw in mei 2017 die wilsonbekwaam was en alzheimer had, zaak 2017-103. Volgens de toetsingscommissie was de wilsverklaring niet herbevestigd en was het lijden onvoldoende onderbouwd. Mogelijk heeft ook een rol gespeeld in de beslissing van het OM dat de eigen huisarts, de huisarts verbonden aan het verpleeghuis waar de vrouw werd opgenomen én de SCEN-arts niet positief stonden tegenover het euthanasieverzoek. De andere zaak tegen deze arts gaat over een 84-jarige patiënte met een combinatie van aandoeningen, die juni vorig jaar overleed. Er waren volgens de arts voor de tot dan toe zeer zelfstandige patiënte geen aanvaardbare mogelijkheden meer om het lijden te verlichten. De toetsingscommissie was dat in oordeel 2017-79 niet met de arts eens.

Justitie in Oost-Nederland onderzoekt de euthanasie van een 72-jarige vrouw in april 2017. Zij werd palliatief behandeld voor een gemetastaseerd pancreaskopcarcinoom. ‘Twee dagen voor de levensbeëindiging raakte de vrouw in coma waardoor er sprake was van ernstige afasie en een wisselend verlaagd bewustzijn’, aldus het OM. De toetsingscommissie bekritiseerde het oordeel van de huisarts over het verzoek en het lijden in dit dossier (nummer 2017-73). In gesprekken met de RTE zou de huisarts hebben bevestigd druk van de familie te hebben ervaren om levensbeëindigend te handelen.

Het OM in Den Haag onderzoekt de dood van een 84-jarige COPD-patiënte in februari vorig jaar. Ze had al vijftien jaar last van gehoorverlies en al vier jaar een slechte eetlust nadat reuk en smaak waren uitgevallen en dreigde mede door kromstand van haar vingers haar zelfstandigheid te verliezen. De betrokken huisarts heeft de patiënte verschillende keren geadviseerd de longarts te bezoeken, maar heeft zich, volgens de RTE in oordeel 2017-31, te snel neergelegd bij haar weigering en ‘te lichtvaardig’ geoordeeld dat haar lijden uitzichtloos was. De alzheimer-casus uitgezonderd, gaven de SCEN-artsen in alle gevallen groen licht.

Afgelopen september maakte het OM bekend een strafrechtelijk onderzoek te starten naar een specialist ouderengeneeskunde die in het voorjaar van 2016 euthanasie uitvoerde bij een 74-jarige ernstig demente en wilsonbekwame vrouw. De toetsingscommissies oordeelden dat die zaak, met nummer 2016-85, niet aan de zorgvuldigheidseisen voldeed. Het was voor het eerst in de geschiedenis van de euthanasiewet, die in 2002 van kracht werd, dat het OM toen een onderzoek startte naar aanleiding van het oordeel van de RTE.

Vorig jaar mei publiceerde het OM de vernieuwde ‘Aanwijzing vervolgingsbeslissing over actieve levensbeëindiging op verzoek’. Nieuw was de nadruk op twee ‘substantiële zorgvuldigheidseisen’: het vrijwillig en weloverwogen verzoek en het uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Verdenking van schending van deze eisen ‘dient, behoudens uitzonderingen, tot strafrechtelijke vervolging te leiden’ aldus de aanwijzing. Procureur-generaal Rinus Otte ontkent vandaag in Trouw dat de plotse toename in het aantal onderzoeken met de nieuwe aanwijzing samenhangt. ‘Wij bekijken dat per zaak. Het zou hierna weer een paar jaar kunnen duren voor er een nieuw onderzoek komt. Deze vier zaken gaan voor ons om voldoende serieuze zaken. We laten die nu onderzoeken, het is helemaal niet gezegd dat er ook vervolging komt.’

KNMG-voorzitter René Héman stelde vandaag in een reactie dat het gaat om complexe zaken waaronder euthanasie in geval van gevorderde dementie en het criterium van uitzichtloos lijden. Héman: ‘Daar discussiëren zowel artsen, juristen als publiek al heel lang over. Een heldere norm is cruciaal voor de rechtszekerheid van dokters – waar moet je je aan houden om strafbare euthanasie te voorkomen – én voor het publiek om vertrouwen te houden in de artsen en de Nederlandse euthanasiepraktijk.’

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Vier onderzoeken OM naar ‘onzorgvuldige’ euthanasie

Raad van Kerken: geen taboe op euthanasie

Nederlands Dagblad, 20 februari 2018 Auteur: Eline Kuijper De overheid zou hulp bij zelfdoding niet moeten aanbieden aan mensen die hun leven als voltooid ervaren. Met die boodschap kwam de…

Nederlands Dagblad, 20 februari 2018

Auteur: Eline Kuijper

De overheid zou hulp bij zelfdoding niet moeten aanbieden aan mensen die hun leven als voltooid ervaren. Met die boodschap kwam de Raad van Kerken dinsdag, bij de presentatie van de brochure ‘Nu word ik oud.

Amersfoort

‘Het leven is pas voltooid als het over is, als je dood bent’, zei de oudkatholieke aartsbisschop van Utrecht Joris Vercammen bij de presentatie. Hij is voorzitter van de kerngroep ‘Vierde levensfase’ van de raad, die zich twee jaar lang met dit thema bezighield. De raad wil met dat boekje het gesprek over euthanasie bij voltooid leven verdiepen. Maar een ideologisch standpunt van de raad tegen euthanasie zou te kort door de bocht zijn. ‘De discussie over voltooid leven is complex. We willen geen taboe op euthanasie leggen’, aldus Vercammen. Hij wil de problematiek juist aangrijpen om het gesprek in de samenleving aan te gaan, over kwetsbaarheid, afhankelijkheid en de zorg voor ouderen. ‘Mensen zijn niet autonoom en onafhankelijk. We mogen geen druk leggen op ouderen.’ In een werkbezoek van de groep aan een verzorgingstehuis in Hilversum viel hen op dat ouderen last hebben van eenzaamheid en de vraag stellen of ze niet tot last zijn. Zorgelijk, vindt Vercammen. ‘Alsof jonge mensen niet tot last van de samenleving zijn. Praten over voltooid leven zonder dat de zorg voor ouderen op orde is, dat lijkt nergens op.’

Afhankelijk

Het platform, waarin verschillende kerken samenwerken, vindt het een bijbelse opdracht om aan de kant te staan van lijdende en zieke mensen. Dat gaat over veel meer dan voltooid leven. ‘In de samenleving worden kwetsbaarheid en afhankelijkheid gezien als on-waarden’, zei Vercammen. ‘Maar kwetsbaarheid en afhankelijkheid horen bij het leven. Wie zouden we zijn, als we niet afhankelijk van elkaar zijn?’

Bij de gesprekken die voorafgingen aan het schrijven van deze brochure, nam de raad als moreel uitgangspunt dat ‘het moedwillig doden van een onschuldig mens in principe problematisch is’, vertelt medisch ethicus Theo Boer. Hij schreef mee aan de brochure. ‘De discussie over euthanasie bij voltooid leven is echt uniek voor Nederland’, zei Boer. ‘Dat is een reden om extra voorzichtig te zijn. Er is een neiging in dit land om verslaafd te raken aan de dood. Er is bijna geen lijden te bedenken, of de dood wordt als uitweg genoemd.’

Boer wijst erop dat berichten en gesprekken over zelfdoding leiden tot meer zelfdodingen. ‘Laten we daarom oppassen met er te veel over te praten en te zeggen dat het geregeld moet worden. Het aanbod schept de vraag.’ Een totaalverbod op euthanasie zou de vraag verminderen, zegt Boer, maar dat is in zijn ogen geen optie. ‘We leven ook in een democratie. Als er in de samenleving veel draagvlak is voor euthanasie, kunnen we niet onze kop in het zand steken.’

De brochure ‘Nu word ik oud’ heeft een oplage van tienduizend en wordt verspreid onder predikanten en pastoors. Toen de werkgroep ‘Vierde ­levensfase’ net begon, stuurde ze een brief naar de Tweede Kamer waarin ze de waardigheid van de mens benadrukte.

 

Reacties uitgeschakeld voor Raad van Kerken: geen taboe op euthanasie

Euthanasie is niet normaal, dwingt psychiater er niet toe

NRC, 2017 11 01 Auteur: Steven Matthijsen, psychiater en vice voorzitter van het Nederlands Artsenverbond (NAV) 

NRC, 2017 11 01

Auteur: Steven Matthijsen, psychiater en vice voorzitter van het Nederlands Artsenverbond (NAV) 

Reacties uitgeschakeld voor Euthanasie is niet normaal, dwingt psychiater er niet toe

Psychiaters bezorgd dat Levenseindekliniek euthanasie makkelijker maakt

RTL Nieuws, 16 februari 2018 Psychiaters maken zich zorgen over het stijgende aantal psychiatrische patiënten dat toestemming krijgt voor een zelfgekozen dood. “De Levenseindekliniek doet goed werk, maar het lijkt…

RTL Nieuws, 16 februari 2018

Psychiaters maken zich zorgen over het stijgende aantal psychiatrische patiënten dat toestemming krijgt voor een zelfgekozen dood. “De Levenseindekliniek doet goed werk, maar het lijkt alsof ze de drempel voor euthanasie verlaagt. Daar sta ik niet achter”, zegt Damiaan Denys, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

Aurelia Brouwers was een van die psychiatrische patiënten met een sterke doodswens. Ze overleed drie weken geleden. Sinds vandaag is de documentaire over haar laatste dagen te bekijken.

ZIE OOK: Documentaire over euthanasie ‘De laatste dagen van Aurelia Brouwers’ te bekijken

 

‘Doodswens komt en gaat’

De meeste mensen met psychische klachten en een euthanasiewens komen net als Aurelia bij de Levenseindekliniek terecht. Dat komt meestal doordat hun eigen psychiater het te moeilijk vindt om zijn of haar patiënt te laten sterven. Liever kijken die of de patiënt niet toch nog verder te behandelen is. “De vraag naar de dood is veel voorkomend binnen de psychiatrie. Zo’n doodswens kan ook onderdeel van de ziekte zijn. Soms zie je dat een ziektebeeld bij patiënten heel wisselend is. En dus ook de wens naar de dood.” Dat verklaart volgens Denys waarom psychiaters terughoudend zijn met euthanasie. Ook het persoonlijke contact tussen psychiater en de patiënt kan soms een belemmering vormen.

Vaker euthanasie bij psychiatrische patiënten

Het aantal mensen dat euthanasie krijgt blijft stijgen. In 2011 waren het bijna 3700 mensen. In 2016 ging het om ruim 6000. De meeste mensen die euthanasie krijgen hebben een ernstige lichamelijke ziekte zoals kanker. Het aantal patiënten met grote psychische problemen is weliswaar klein, maar stijgt ook. In 2011 kregen 13 mensen een zelfgekozen dood vanwege zoals dat heet ondraaglijk en uitzichtloos psychisch lijden. In 2016 is bij 60 patiënten met psychische problemen euthanasie gepleegd. Een vervijfvoudiging. 46 van de 60 mensen zijn geholpen door de Levenseindekliniek.

‘Help levensvreugde terug te krijgen’

Jim van Os, hoogleraar psychiatrie bij het UMC Utrecht en UMC Maastricht, vindt dat de geestelijke gezondheidszorg meer zou moeten doen om de doodswens bij patiënten weg te nemen en hun zin in het leven terug te krijgen. “Dat klinkt allemaal vaag en soft, maar mensen vergeten dat iedereen hier elke dag mee bezig is. Zinloosheid is dodelijk”, zegt Van Os. Het probleem is alleen dat hij en zijn collega’s daar niet voor zijn opgeleid. “We bestrijden de ziekte door middel van pillen en behandelingen, maar we besteden minder aandacht aan de weerbaarheid van mensen en de manier waarop ze met lijden om kunnen gaan. Daar zouden we veel meer aan moeten doen.” Van Os maakt mee dat dit er bij sommige patiënten voor kan zorgen dat hun wens om euthanasie verdwijnt. Damiaan Denys is het niet met hem eens. “Het vinden van geluk zal niet leiden tot minder euthanasie. Ik vind dat de verantwoordelijkheid van de persoon zelf. Binnen de psychiatrie zijn we nu nog steeds niet in staat om zieke mensen echt te helpen. Er is gewoon te weinig geld voor. Als psychiaters zouden focussen op het zoeken naar geluk, zou het allemaal nog duurder worden.”

Second opinion bij andere psychiater

Denys wijst wel op de nieuwe richtlijn voor psychiaters die het makkelijker moet maken om hun patiënten zelf te begeleiden in hun euthanasietraject. In die richtlijn staat dat wanneer een psychiater zelf denkt dat iemand uitbehandeld is, hij naar een collega kan verwijzen om de patiënt te beoordelen. Als die ook tot de conclusie komt dat er niets meer mogelijk is, kan de patiënt euthanasie krijgen. Op de manier zou het voor psychiaters makkelijker kunnen worden om het euthanasietraject in te gaan met hun eigen patiënt. De nieuwe richtlijn is volgens Denys niet bedoeld om euthanasie makkelijker of moeilijker te maken, maar vooral om het hele proces nog zorgvuldiger te maken.

Reacties uitgeschakeld voor Psychiaters bezorgd dat Levenseindekliniek euthanasie makkelijker maakt

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken