Thema’s aangaande Levensbegin (berichten)

Er zijn veel embryo’s nodig voor dat ene gewenste leven

Nederlands Dagblad, 6 september 2018 Auteurs: Diederik van Dijk en Elise van Hoek-Burgerhart, directeur resp. manager belangenbehartiging van NPV – Zorg voor het leven Vandaag praat de Tweede kamer over…

Nederlands Dagblad, 6 september 2018

Auteurs: Diederik van Dijk en Elise van Hoek-Burgerhart, directeur resp. manager belangenbehartiging van NPV – Zorg voor het leven

Vandaag praat de Tweede kamer over medische ethiek. Alle hete hangijzers staan op de agenda: orgaandonatie, euthanasie en afbreking zwangerschap. Spannend wordt het ook als het gaat over wat we met embryo’s willen.
Er staat veel op het spel vandaag in de Kamer. Op grond van de Embryowet is nu alleen onderzoek toegestaan met embryo’s die overblijven na vruchtbaarheidsbehandelingen. Maar embryo’s kunnen ook gekweekt worden. Willen we dat? Het is hoog tijd dat de discussie over kweekembryo’s van de grond komt. Wij hebben grote bezwaren. Vooral omdat het kweken van embryo’s voor onderzoek, om ze daarna te vernietigen, in strijd is met de menselijke waardigheid. De specialisten van de Gezondheidsraad, die in 2017 het rapport schreven ‘Ingrijpen in het DNA van de mens: doen of laten?’, gaan hieraan voorbij en stelden dat als onderzoek met kweekembryo’s het doel heeft ‘ernstige aandoeningen’ terug te dringen, ‘het niet meer in strijd zou zijn met de menselijke waardigheid’.

Het politieke debat hierover is spannend. De huidige coalitie kent belangrijke ideologische tegenpolen, ChristenUnie en D66. Maar die tegenpolen hoeven het debat niet te verlammen. Ze maken namelijk beter dan ooit duidelijk wat de achterliggende levensbeschouwelijke dilemma’s en drijfveren zijn.

Zorgkosten

Uiteindelijk gaat het over veel meer dan de status en beschermwaardigheid van het embryo. Het gaat over ons allemaal. Het gaat ook over stijgende zorgkosten en hoe je die afweegt tegen de alternatieven. Tegen welke prijs willen we ernstige erfelijke ziekten uitroeien? Hoeveel embryo’s offeren we op voor dat ene felbegeerde kind voor een stel van hetzelfde geslacht? En willen we mensen beter maken of betere mensen maken? De morele waarde van elk embryo mag niet buiten beeld raken. Niet bij de Gezondheidsraad en de Tweede Kamer, maar ook niet bij het grote publiek. Wat zich nu afspeelt in laboratoria en lobbykamers, kan bepalen hoe menselijk leven er in de toekomst uitziet. Hoe wij reageren, zegt veel over wie we zijn en welke waardigheid we ook dat prille leven toekennen. Daarom is het debat vandaag in de Tweede Kamer zo belangrijk.

Onvruchtbare koppels

Chuva de Sousa Lopes, onderzoeker in het Leids Universitair Medisch Centrum, vertelt in de VPRO/Human-serie De volmaakte mens dat ze graag onvruchtbare koppels een genetisch eigen kind wil geven. Dat klinkt zeer menslievend. Want wie gunt zo’n stel nu geen kinderen? Maar om haar wens te verwezenlijken wil ze graag embryo’s kweken.

Voor de duidelijkheid: het gaat hier niet om ivf (reageerbuisbevruchting). Bij die techniek worden een eigen eicel en zaadcel ingezet om een zwangerschap van een genetisch eigen kind te laten ontstaan. Gekweekte embryo’s worden meer gezien als testmateriaal: behulpzaam om processen te leren kennen van een succesvolle voortplanting.

Rechtsfilosoof Britta van Beers stelde in haar bijdrage in een rondetafelgesprek voor de Tweede Kamer (4 juni 2018) dat er ‘een verdingelijking van een embryo optreedt’ wanneer je die doelbewust creëert voor wetenschappelijke doeleinden. Bij een embryo ontstaan in een ivf-traject, is er een relatie met de ouders, maar die ontbreekt bij een kweekembryo. Hoeveel leven mag je vernietigen om gewenst leven tot stand te brengen? Die vragen gelden bij kweekembryo’s, maar ook nu al. De huidige ivf-praktijk in Nederland creëert jaarlijks 100.000 embryo’s, 95.000 gaan verloren. Aantallen om duizelig van te worden. Hoe hoog wordt het aantal bij embryokweek? Rond grenzeloos onderzoek met proefkonijnen is terecht discussie en protest. Bij onderzoek naar embryo’s is het stil.

Wetenschappers stellen dat onderzoek met embryo’s nodig is voor veilige nieuwe technieken. Maar het gaat niet alleen over stamcellen. Het gaat om de vraag ‘Wat is dat, menselijk leven?’ En op deze vraag is het antwoord van een natuurkundige anders dan het antwoord van een filosoof of een ethicus. Onder een microscoop zie je cellen, maar je ziet geen liefde of waardigheid. Toch horen ze alle drie bij menselijk leven.

Onvruchtbaarheid

En dan nog een vraag: hoe noodzakelijk is het onderzoek om onvruchtbare stellen een eigen kind te geven? Je kunt er ook anders tegenaan kijken. ‘Onvruchtbaarheid neemt niet toe’, stelde gynaecoloog en vruchtbaarheidsspecialist Egbert te Velde in 2017 in het wetenschappelijke tijdschrift European Journal of Obstetrics & Gynecology and Reproductive Biology. De vraag naar ivf groeit, terwijl de biologische vruchtbaarheid stabiel is, stelt hij. Anticonceptie en uitstelgedrag zijn de belangrijkste boosdoeners, waardoor stellen geen kinderen krijgen wanneer ze dat wel willen.

Hoever zijn we nog verwijderd van het ideaal van absolute autonomie en het ‘recht’ een kind samen te stellen naar eigen keuze? Er zijn meer vragen dan antwoorden. Maar die antwoorden moeten er wel komen. De Tweede Kamer zet vandaag een belangrijke stap, voor zichzelf en voor de samenleving.

 

Reacties uitgeschakeld voor Er zijn veel embryo’s nodig voor dat ene gewenste leven

Nota Medische ethiek van ministerie VWS en debat TK

Rijksoverheid. Auteur: minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Hugo de Jonge Minister De Jonge (VWS) informeert de Tweede Kamer hoe het kabinet de komende jaren zal omgaan met medisch-ethische vragen en wat…

Rijksoverheid.

Auteur: minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Hugo de Jonge

Minister De Jonge (VWS) informeert de Tweede Kamer hoe het kabinet de komende jaren zal omgaan met medisch-ethische vragen en wat het kabinet op dit gebied wil bereiken.

Hij schrijft in de inleiding van zijn nota als volgt. “Met grote regelmaat is er maatschappelijke aandacht voor medisch-ethische vraagstukken. In het publieke debat leven vragen rondom zwangerschap en geboorte, het doen van medisch-wetenschappelijk onderzoek of het maken van keuzes over zorg rondom het levenseinde. Ethische kwesties raken aan de kern van wie we zijn en waar we voor staan. In de samenleving bestaan op medisch-ethisch gebied verschillende opvattingen. Het maken van keuzes over deze vraagstukken is daardoor geen eenvoudige opgave. Juist daarom is een goede dialoog met elkaar van belang. Door uit te gaan van gedeelde waarden en respect te hebben voor de gezichtspunten van een ander, meent dit kabinet een goed gesprek over ethische vraagstukken te kunnen voeren en wellicht (een deel van) de verschillen te kunnen overbruggen. Voor alle partijen zijn een goede volksgezondheid en gezondheidszorg van belang.

De ontwikkeling van de geneeskunde wordt gevoed door wetenschappelijk onderzoek en technologische innovaties en beoogt te resulteren in nieuwe diagnostiek en behandelmogelijkheden, preventie en genezing van ziektes, mogelijkheden om lijden te verlichten, of meer patiëntgerichte zorg. Dat neemt niet weg dat de opvattingen over de precieze invulling van die zorg of wetenschap
uiteen kunnen lopen. Wanneer bij besluitvorming over deze onderwerpen medisch-ethische overwegingen een rol spelen, is bestaande wet- en regelgeving het uitgangspunt, zoals afgesproken in het regeerakkoord.

Het doel van dit kabinet is om bij medisch-ethische vraagstukken te komen tot beleid dat kan rekenen op breed draagvlak binnen onze samenleving, dat aansluit bij ons moreel kompas. Om bij beleidsveranderingen een antwoord te vinden op de vraag welke ruimte wenselijk en aanvaardbaar is, zijn daartoe in het regeerakkoord drie vragen opgenomen, die het uitgangspunt vormen voor het maken van keuzes en daarmee voor de standpunten van dit kabinet. Allereerst zal de vraag naar de medisch-wetenschappelijke noodzaak moeten worden gesteld.
Zijn er toereikende alternatieven die geen of een minder vergaande verruiming van de beleidsruimte behoeven? Als tweede is er de vraag naar de medisch-ethische dimensie, waarbij niet alleen wetenschappelijke belangen worden gewogen, maar waarbij ook ethische bezinning bij wetenschappers en zorgprofessionals een rol speelt. Het regeerakkoord verwijst daarbij naar het
zwaarwegende belang van adviezen van de Gezondheidsraad en andere adviesorganen, alsmede de Raad van State. Tot slot is van belang dat er maatschappelijke discussie en politieke bezinning heeft plaatsgevonden.

In deze nota werkt de Minister verder uit hoe het kabinet hieraan verder invulling wil geven. Vervolgens gaat hij in op de diverse concrete beleidsvraagstukken en schetst hij de richting waarin het kabinet de komende jaren zal gaan. Hij doet dat aan de hand van drie overkoepelende thema’s:

1) vraagstukken rond het begin van het leven;

2) medisch-wetenschappelijk onderzoek en technologie;

3) vraagstukken rond het einde van het leven.

 

Zie “Nota medische ethiek, d.d. 6 juli 2018”

Zie ook het verslag van het algemeen overleg in de Tweede Kamer, gehouden op 6 september 2018, over Medische ethiek/ Afbreking zwangerschap/ Euthanasie (te downloaden op de website van de Tweede Kamer Der Staten- Generaal.

 

 

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Nota Medische ethiek van ministerie VWS en debat TK

Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK   Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA…

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK

 

Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA om de abortuspil door de huisarts te laten voorschrijven. Nu kan de abortuspil alleen door abortusartsen worden voorgeschreven. De petitie tegen het wetsvoorstel wordt ook ondersteund door dertien organisaties, zoals Juristenvereniging Provita, Platform Zorg voor Leven, het Prof. Dr. G.A. Lindeboom Instituut, diverse huisartsen en zorgprofessionals.

 

Snelheid gaat ten koste van zorgvuldigheid

GroenLinks en de PvdA beogen met het wetsvoorstel snellere, toegankelijkere zorg te leveren aan vrouwen die voor abortus willen kiezen. Ondersteuners van de petitie ‘De abortuspil NIET bij de huisarts – vrouw en kind verdienen beter’ zijn kritisch op het wetsvoorstel. Vanwege het belang van een zorgvuldige keuze en de psychosociale gevolgen die abortus met zich mee kan brengen, zijn ze tegen een laagdrempelige toegang tot abortus. Arthur Alderliesten, directeur VBOK: “De keuze voor het afbreken of uitdragen van een zwangerschap is voor een vrouw en haar ongeboren kind onherstelbaar. Ook ervaren vrouwen vaak de werking van de abortuspil als heftig. Dit vraagt passende begeleiding bij het keuzeproces en nazorg. En dat kost tijd. Een vrouw heeft dan ook recht op gespecialiseerde begeleiding bij het nemen van haar beslissing en kennis over al haar opties: abortus, het zelf opvoeden van het kind, maar ook adoptie of pleegzorg.”

Beschikbare tijd huisarts

De petitie stelt dat huisartsen momenteel onvoldoende tijd hebben om vrouwen bij een onbedoelde zwangerschap goed te begeleiden. Huisartsen en de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) geven namelijk aan dat ze willen naar minder patiënten en meer tijd per patiënt. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat huisartsen, voor vijf op de zes onbedoeld zwangere vrouwen, alleen een doorverwijzing gaf naar de abortuskliniek en geen informatie verschafte over alternatieven voor abortus. Mede gezien de waarschuwingen over tijdsdruk pleiten de ondertekenaars er voor de abortuspil niet via de huisarts te laten verstrekken.

Duidelijk signaal

Alderliesten drukte de Tweede Kamerleden op het hart: “Dit is een duidelijk signaal aan de leden van de Tweede Kamer dat er veel mensen zijn die een onbedoeld zwangere vrouw en het ongeboren leven de ruimte en tijd gunnen voor het maken van een weloverwogen keuze.”

VBOK

De VBOK zet zich al sinds 1971 in om het maatschappelijk draagvlak voor bescherming van het ongeboren menselijk leven te vergroten. De petitie is op initiatief van de VBOK gestart op 6 maart 2018 en sindsdien door 21.287 mensen ondertekend.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Onbeperkt vruchtbaar

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99   Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat…

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten

Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99

 

Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat over de mogelijkheden en de dilemma’s die opgerekte vruchtbaarheid met zich meebrengt en nodigt uit tot gesprek.

Op achtendertigjarige leeftijd vond journalist Larissa Pans zichzelf met een dikke buik al een oude moeder. Tot haar fascinatie zag ze in het ziekenhuis echter nog veel oudere zwangere vrouwen rondlopen. Haar gynaecoloog vertelde over vruchtbaarheidstoerisme. Daarover wilde ze meer weten.

Pans verdiepte zich in het onderwerp en voerde gesprekken met gynaecologen, fertiliteitsartsen, ethici, oude moeders en politici. Het resultaat is een informatief boek van ruim tweehonderd pagina’s. De vruchtbaarheidsindustrie begon met ivf, die deze zomer veertig jaar bestaat. Vrouwen stellen het krijgen van een kind uit, maar dat pakt niet altijd goed uit. De kwaliteit van eicellen neemt af wanneer vrouwen ouder dan dertig zijn. Zwangerschappen op hogere leeftijd hebben meer risico op complicaties, miskramen en vroeggeboortes.

Laat moederschap is een proces. Vrouwen die niet op een natuurlijke manier zwanger kunnen of willen worden, kunnen tot hun vijftigste gebruikmaken van een ivf-behandeling. Als je eicellen tenminste goed genoeg zijn. Zo niet, dan kun je een donor zoeken in je directe omgeving. Lukt dat niet, dan kun je in het buitenland eicellen kopen. Deze laat je vervolgens met het zaad van je partner bevruchten. Heb je geen partner, dan kun je een bevruchte eicel kopen. Een embryo dus. Voor deze handel kun je terecht in Griekenland, Spanje of Oekraïne. Het brengt de schrijver tot de verbijsterende conclusie dat vruchtbaarheidstechnologieën zijn verworden tot commerciële handel.

Stel moederschap als het even kan niet uit, gaf Pans onlangs aan in een interview met BNR Nieuwsradio. Laat moederschap is niet zozeer een feministische verworvenheid, al geeft uitstel wat meer keuzevrijheid. Voor vroeger moederschap is een mentaliteitsverandering, een cultuuromslag nodig, bepleit ze.

Gaandeweg de totstandkoming van het boek kwamen de belangen van het (ongeboren) kind scherper op Pans’ netvlies te staan. De situatie van een kind dat voortkomt uit (anonieme) donatie, is enigszins te vergelijken met adoptie. Kinderen zijn daardoor onzeker over hun afstamming, met alle gevolgen voor hun identiteitsgevoel. Met Onbeperkt vruchtbaar heeft Larissa Pans het maatschappelijk gesprek een noodzakelijk zetje gegeven. Dit gesprek moet verder en roept verdiepingsvragen op. Hoe kunnen de rechten van het (ongeboren) kind worden geborgd? Wat zijn die rechten? Welke moraal ligt er onder die rechten? Hoe verhoudt de beschermwaardigheid van het leven vanaf de conceptie zich tot de morele vragen rond de vruchtbaarheidsindustrie?

Wat in Nederland niet kan en mag, mag en kan in het buitenland wel, waardoor er een bloeiende internationale industrie is ontstaan. Het politieke gesprek kan zich daarom niet beperken tot de Nederlandse wetgeving en zal op Europees niveau moeten worden opgepakt. Een restrictieve werking is dan nauwelijks te verwachten, omdat diverse Europese landen juist ruimere wetgeving kennen. Wat zijn de verwachtingen en mogelijkheden? ■

Reacties uitgeschakeld voor Onbeperkt vruchtbaar

Het taboe op abortus heeft twee kanten

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10. Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind   Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor…

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10.

Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind

 

Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor abortus. De VBOK plaatst een aantal kanttekeningen.

Het essay van Jennie Barbier in de Volkskrant van 15 juni legt ook de koppeling tussen feminisme en abortus. Abortus is verworden tot icoon van vrouwenrechten en daarom is Barbier bang. Bang dat het recht op abortus wordt afgepakt, waarvoor juist hard is gevochten door vroegere generaties feministen. Met bijna jaloerse blikken richting Ierland en Argentinië waar nu ‘overwinningen’
worden behaald in het legaliseren van abortus, ziet ze in Nederland het taboe op abortus alleen maar toenemen. Een paar kanttekeningen bij haar analyse. Eenzijdigheid Het siert Jennie Barbier dat ze openlijk spreekt over haar persoonlijke ervaring met abortus. Dat het ingrijpend is blijkt ook uit haar verhaal. Maar Barbier benadert het vraagstuk van eenzijdig: die van de vrouw en haar recht. Laten we het ook eens hebben over de ander die in het geding is: het ongeboren kind. Heel veel mensen vinden het menselijk leven vanaf het prilste begin beschermwaardig. Hoe je het wendt of keert: abortus provocatus beëindigt ongeboren menselijk leven, geeft het kind niet de kans geboren te worden.

Kritiek is nog geen taboe

Voor Barbier is elke reden voor een abortus legitiem. De Nederlandse wet echter ademt een andere geest. Die zegt dat iedere afbreking van zwangerschap met zorgvuldigheid moet worden genomen en alleen wanneer de noodsituatie van de vrouw deze onontkoombaar maakt (Wet afbreking zwangerschap, artikel 5). Deze zorgvuldigheid is ingebouwd omdat abortus een ingrijpende beslissing is. Dat het geen gewone medische ingreep is, blijkt er wel uit dat de wetgeving onderdeel is van het strafrecht. Het is daarom niet vreemd dat de Barbier constateert dat financiële of
andere praktische overwegingen om tot abortus over te gaan maatschappelijk niet op volledige steun kunnen rekenen. De wetgeving en het moreel besef in de samenleving liggen blijkbaar in elkaars verlengde. Barbier constateert dat er een banale, alledaagse werkelijkheid schuilt achter de ongeveer dertigduizend abortussen die jaarlijks in Nederland worden uitgevoerd. Een aspect van die banale werkelijkheid is dat in bijna de helft van het aantal abortussen financiën een rol speelt (overigens vrijwel altijd in combinatie met andere factoren). Redenen waaraan iets te doen is.
Redenen die een abortus volgens de constructie van de wet geen legitimatie vormen, wanneer deze overkomelijk zijn. En in de praktijk van de hulpverlening blijken dergelijke noodsituaties dikwijls oplosbaar te zijn. Dat komt het ongeboren kind ten goede, maar is ook blijk van goede zorg voor vrouwen.

Psychologische gevolgen

‘De vrouwen die ik sprak over abortus gingen niet van schuld of spijt’, schrijft Barbier. Logisch, ze zit in haar eigen progressieve bubbel, zo schrijft ze zelf al.

Maatschappelijk werkers die dagelijks te maken hebben met abortusproblematiek kennen ook de andere kant. Dagelijks spreken zij vrouwen die zoeken naar verwerking van gevoelens van schuld, spijt en schaamte. Uit het Rutgersonderzoek Seksuele gezondheid in Nederland 2009 bleek dat vier van de tien ondervraagde vrouwen geen negatieve gevolgen van een abortus ondervinden. Daarnaast staan echter zes van tien vrouwen die die wél ervaren. Zij kampen met psychosociale klachten als depressie, boosheid, spijt of schaamte. Hoe helpen we deze vrouwen verder? Door de gevoelens te erkennen of ontkennen? Iedere vrouw ervaart een abortus anders. Zeg haar niet hoe ze dat moet doen. Zo doorbreken we het taboe.

Hoe doorbreken we het taboe?

Barbier kreeg het gevoel dat het gepaster was om over haar abortus te zwijgen: ‘fluistercultuur werkt taboe in de hand’. Ik stem in met haar gedachte dat het helpt om het taboe op het spreken over abortus te doorbreken. Daarom twee vragen om het gesprek verder te brengen:
1. Kan het zo zijn dat juist het continue gehamer op abortus als recht van de vrouw mede het taboe in stand houdt? Want hoe moeilijk is het voor vrouwen om te zeggen dat ze spijt hebben van een abortus, omdat juist dát het icoon is geworden van het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw?
2. Wat is goede (postabortus) begeleiding? Waarmee wordt een vrouw werkelijk geholpen en hoe helpt het doorbreken van het taboe

Reacties uitgeschakeld voor Het taboe op abortus heeft twee kanten

De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek. Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van…

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek.

Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van de zorg aan de Theologische Universiteit Kampen, en Arthur Alderliesten, directeur van de VBOK, de organisatie die zich inzet voor de bescherming van het ongeboren kind.

Wetenschappers pleiten hartstochtelijk voor het toestaan van embryokweek. Tijdens een zitting in de Tweede Kamer stelden zij dat deze stap nodig is om ‘kinderziekten’ bij ivf weg te kunnen nemen. Door onderzoek met embryo’s hoopt men de kweekvloeistoffen die bij ivf nodig zijn, te vervolmaken. Een te laag geboortegewicht bij ivf-baby’s zou dan tot het verleden behoren. Ook hoopt men op termijn het aantal geslaagde ivf-behandelingen te kunnen verhogen, wat zou leiden tot minder verspilling van embryo’s.

Genetische aandoeningen

Maar deze beperkte toepassingen lijken nog maar het begin. Coen Brummer verdedigde op de website van Trouw eerder het gebruik van kweekembryo’s ten behoeve van genetische modificatie bij embryo’s. Daardoor zouden we genetische aandoeningen kunnen genezen.

Hoewel we de intenties lovenswaardig vinden, hebben wij moeite met de middelen en de consequenties.

Een embryo is menselijk leven. Wanneer we niet ingrijpen door abortus of het niet gebruiken als onderzoeksmateriaal, en de natuur het niet afstoot, dan groeit er uit dat klompje cellen een mens. Een uniek menselijk organisme met de codes voor geslacht, haarkleur, uiterlijk en karakter. Dat is niet bedoeld om te eindigen als onderzoeksmateriaal, maar om zich te ontwikkelen en geboren te worden.

Het lijkt ons bovendien onwaarschijnlijk dat de kweek van embryo’s beperkt zal blijven tot genoemde toepassing van ivf-verbetering. Alom pleiten wetenschappers voor het toestaan van experimenten met het genetisch bewerken van een embryo d.m.v. de CRISPR-CAS9-methode. Hiermee wordt het mogelijk om een stukje ‘ziek’ DNA uit een cel te knippen en te vervangen door niet-aangedaan DNA. Idealiter kunnen hiermee erfelijke aandoeningen worden voorkomen, maar het is onduidelijk of het ooit veilig zal zijn om veranderingen aan te brengen in het erfelijk materiaal in de kiembaan. Deze veranderingen zijn bovendien permanent en worden, met bijwerkingen, doorgegeven aan volgende generaties.

Doel heiligt niet alle middelen

Ons laatste bezwaar betreft de gevolgen van deze technologieën voor de samenleving. Als menselijk leven zozeer geïnstrumentaliseerd wordt, wat zegt dat over ons respect voor ‘leven aan de rand’ – beginnend, eindigend, gekwetst, wilsonbekwaam? Leed voorkomen is een kenmerk van een cultuur bij uitstek, maar een beschaving kenmerkt zich ook door de kunst om je ambities ‘bij te schaven’. Het doel heiligt niet alle middelen. Technologische aspiraties kunnen ons afleiden van de kunst om met het bestaan in al zijn grilligheid om te gaan. Bovendien dragen deze ontwikkelingen verder bij aan de visie dat kinderen een ‘project’ worden.

Om deze redenen bepleiten wij een instandhouding van het verbod op het kweken van embryo’s. Voorstanders van embryokweek betogen dat we door het gebruik van embryo’s die bij ivf overblijven toch al menselijk leven instrumenteel gebruiken. Dat klopt. We bepleiten daarom dat er bij ivf niet meer embryo’s worden gecreëerd dan er kans hebben om in de baarmoeder geplaatst te worden. Maar ook restembryo’s zijn toch in principe gecreëerd vanuit de oprechte intentie dat zij kans maken geboren te worden. Bij gekweekte embryo’s is die mogelijkheid op voorhand bewust afgesloten. Dat betekent een nog verder gaande instrumentalisering van menselijk leven. Die kant moeten niet op willen.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Prof. dr. Theo A. Boer, position paper ter gelegenheid van het rondetafelgesprek van de TK, inzake de Embryowet, op 4 juni 2018; Groningen/Kampen/Utrecht, 23 mei 2018 Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder…

Prof. dr. Theo A. Boer, position paper ter gelegenheid van het rondetafelgesprek van de TK, inzake de Embryowet, op 4 juni 2018; Groningen/Kampen/Utrecht, 23 mei 2018

Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Wat een embryo precies is – behalve in biologische zin – weten we niet en zullen we waarschijnlijk ook nooit weten. De biologie en de embryologie zijn niet in staat om op normatief-antropologische vragen antwoorden te geven. Wat we slechts weten is dat we aan mensen een unieke en onvervreemdbare onaantastbaarheid toekennen, en wat we ook weten is dat embryo’s aan hun begin staan (sommigen zeggen: ‘zij ontwikkelen zich tot mens’, anderen ‘zij ontwikkelen zich als mens’). Menselijke embryo’s hebben een waarde die is verbonden met de oneindige waarde die we aan mensen toekennen. De combinatie van deze onzekerheid én van de intuïtie dat er met menselijke embryo’s iets bijzonders aan de hand is, is door de jaren heen en nog steeds, in Nederland en daarbuiten, reden om met bijzondere behoedzaamheid met embryo’s om te gaan. De Embryowet is er niet voor niets, en de rondetafel over de eventuele verruiming van de Embryowet evenmin. Er staan waarden op het spel waar we de vinger niet achter krijgen. Bij alle diversiteit tussen ethici op dit terrein zou je bijna vergeten dat we op dit punt ook veel gemeenschappelijks hebben. Die waarde heet: beschermwaardigheid.

Erfelijke aandoeningen opsporen, verhelpen

Nog een punt van overeenkomst is het streven om ziekten (in dit geval ziekten en aandoeningen die genetische wortels hebben) te voorkomen, te genezen en draaglijk te maken. Dat is naast onderzoek naar verbetering van de fertiliteit het belangrijkste motief achter embryo-onderzoek. Die goede intentie staat hier niet ter discussie.

Waar het ethisch wel schuurt, zijn de volgende punten:

  • In hoeverre rechtvaardigt het nastreven van de ene waarde het zuiver instrumenteel gebruik van de andere waarde? Moet de Kantiaanse imperatief ‘nooit een mensenleven zuiver als instrument beschouwen’, mutatis mutandis niet ook op onderzoek met individueel menselijk leven in zijn beginstadium worden toegepast? Wij hebben er in Nederland voor gekozen om onderzoek met vroege embryo’s onder zeer strikte voorwaarden toe te staan. Het is zinvol om ons te realiseren dat op dit punt ook de bestaande praktijk al een compromis is waarvan Kant zich waarschijnlijk in zijn graf zou omdraaien.
  • Genetische modificatie op het niveau van de kiembaan (één van de belangrijkste vormen van door embryologen gewenst onderzoek) is in het verleden breed afgewezen en nog altijd wil ik pleiten voor deze terughoudendheid. Ingrijpen in de kiembaan betekent ingrijpen in het mysterie van iemands persoonlijke identiteit. De ene generatie gaat nóg nadrukkelijker dan voorheen bepalen hoe toekomstige generaties eruit zullen zien. Culture zet zijn zegetocht op nature Bovendien zullen de eerste kinderen die uiteindelijk na dit onderzoek tot stand komen, feitelijk een generatie proefpersonen zijn, die voor dit onderzoek geen toestemming hebben kunnen geven en wel de eventuele (wellicht ingrijpende) gevolgen en ongewenste bijeffecten van genetisch ingrijpen moeten ondergaan.
  • Het bestaande moratorium op het kweken van embryo’s speciaal voor onderzoek legt onderzoekers die over meer dan alleen restembryo’s na IVF willen beschikken, beperkingen op. Toch is het zinvol om ons te realiseren dat ook het toestaan van het gebruik van restembryo’s al het resultaat is van een maatschappelijk compromis tussen botsende waarden.
  • Onvoldoende is bekend over de gevolgen van embryo-onderzoek op de langere termijn. Wanneer wij onderzoek doen met en aan embryo’s, hetzij voor diagnostiek, hetzij met het oog op in te grijpen in het genetisch materiaal, zullen de gevolgen zich dan beperken tot het verhelpen van ziekten of zullen zich op termijn ook andere doelen aandienen? Biologisch gesproken is de grens tussen bestrijding van ziekten en mensverbetering flinterdun. In de media wordt regelmatig de indruk gewekt dat we met behulp van genetisch onderzoek op termijn een ziektevrije samenleving kunnen creëren. (Vergelijk wat Dorien Pessers ‘verlossingsfantasieën’ noemt.) Dat kan leiden tot overspannen verwachtingen en een té groot credit voor genetisch onderzoek met embryo’s.
  • Veelvuldig wordt verwezen naar het feit dat Nederland op dit terrein niet wil achterlopen. Mij interesseert de vraag naar de empirische basis. In hoeveel van de ruim 200 landen in de wereld wordt anno 2018 embryo-onderzoek verricht waarbij de onderzoekers over meer middelen en ruimere wettelijke kaders kunnen beschikken dan Nederland?
  • Gezien het feit dat embryo-onderzoek moreel gevoelig ligt, is een van de zeer belangrijke vragen of alle mogelijkheden tot alternatief onderzoek al zijn uitgeput. Concreet is te denken aan onderzoek met behulp van dierlijke embryo’s en onderzoek met pluripotente stamcellen.
  • De suggestie dat Nederland ‘niet achter moet lopen’ suggereert dat ruimere mogelijkheden van onderzoek met menselijke embryo’s een vorm van vooruitgang zijn. Dat moge zuiver technisch zo zijn, maar daarmee is nog allerminst de vraag beantwoord of dit ook cultureel een vooruitgang is. Een cultuur (be-schaving) kenmerkt zich behalve door ontwikkeling en ontdekking immers steeds ook door terughoudendheid.

 

De position papers van de overige deelnemers aan het ronde tafelgesprek zijn te vinden op de website van de Tweede Kamer:

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland

Abortusregistratie Nederland, 23 maart 2018   Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland, met meer dan 11 zwangerschapsafbrekingen per 1.000 vrouwen van 15-44…

Abortusregistratie Nederland, 23 maart 2018

 

Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland, met meer dan 11 zwangerschapsafbrekingen per 1.000 vrouwen van 15-44 jaar. #abortus https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/seksueel-risicogedrag/regionaal-

 

Reactie Nederlandse Patientenvereniging (NPV): en dan besef je dat ‘abortus’ weinig te maken heeft met zelfbeschikking, maar alles met invloed omgeving: druk/dwang of ontbreken sociale steun, aanbod abortusklinieken en etniciteit.

Reacties uitgeschakeld voor Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland

Elk jaar 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor ‘late’ abortus

Gazet van Antwerpen, 15 maart 2018

Volgens de Belgische wet is abortus toegestaan tot 12 weken na de bevruchting, met een verplichte wachttijd van zes dagen.
In Nederland is abortus tot 24 weken toegestaan onder bepaalde voorwaarden. Dit geeft aanleiding voor buitenlandse vrouwen om in Nederland abortus te laten uitvoeren. Elk jaar komen ongeveer 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor zwangerschaps-afbreking (abortus) na 12 weken te laten uitvoeren, zie artikel hieronder.

Reacties uitgeschakeld voor Elk jaar 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor ‘late’ abortus

Abortuspil via huisarts: onzorgvuldig voor de vrouw, respectloos voor het kind

Door Arthur Alderliesten – Directeur VBOK, 22 februari 2018. In het initiatief wetsvoorstel voor de abortuspil via de huisarts hebben GroenLinks en PvdA te weinig oog voor de complexe keuze waarvoor…

Door Arthur Alderliesten – Directeur VBOK, 22 februari 2018.

In het initiatief wetsvoorstel voor de abortuspil via de huisarts hebben GroenLinks en PvdA te weinig oog voor de complexe keuze waarvoor de vrouw staat. De huisarts heeft niet de tijd noch de expertise die nodig is om de onbedoeld zwangere vrouw te begeleiden. Een pleidooi voor meer zorgvuldigheid voor de vrouw en bescherming van het ongeboren kind.

Waar het om gaat- Abortuspil bij de huisarts

Het initiatief wetsvoorstel van GroenLinks en PvdA om de abortuspil beschikbaar te stellen via de huisarts is verrassend. Ten eerste, omdat de regerende partijen rond het regeerakkoord besloten een streep te zetten door het eerdere wetsvoorstel over de abortuspil van minister Schippers [2]. Ten tweede krijgt het ongeboren leven te weinig aandacht. Drie belangrijkste punten van kritiek op de initiatiefwetgeving (eerdere kritiekpunten kunt u hier en hier lezen):

Vrouw verdient meer begeleiding dan een huisarts kan bieden

Het is zeker niet per definitie slecht wanneer een huisarts betrokken is bij een vrouw die onbedoeld zwanger is. Het vraagt wel extra inzet en deskundigheid. Het Nederlands genootschap voor abortusartsen (NGvA) is daarom kritisch. In haar Richtlijn begeleiding van vrouwen die een zwangerschapsafbreking overwegen’ schrijft ze dat huisartsen vaak niet de juiste kennis hebben om een vrouw goed te begeleiden . De NGvA geeft aan dat het een forse uitdaging zal zijn voor huisartsen om dezelfde kwaliteit te leveren bij o.a. termijnbepaling, bereikbaarheid en keuzemogelijkheden als abortusklinieken en ziekenhuizen. 

Beraadtermijn

Voor een abortus geldt een beraadtermijn van vijf dagen, behalve als het gaat om een overtijdbehandeling (voor 9 weken) met bijvoorbeeld de abortuspil. De Raad van State drong bij het eerdere wetsvoorstel aan op het handhaven van deze beraadtermijn, ook bij de abortuspil via de huisarts. GroenLinks en PvdA beroepen zich nu op de huisartsenvereniging LHV om het tegenovergestelde te beweren. Zij stellen dat het “uit medisch, psychologisch en sociaal oogpunt wenselijk is dat vrouwen die een overtijdbehandeling willen dit met een zo kort mogelijke vertraging kunnen doen.” Dat is echt de omgekeerde wereld. Het is juist belangrijk om zorgvuldig een keuze te maken en niet aan te sturen op een snelle beslissing. Dat is precies waarvoor de beraadtermijn in het leven is geroepen. De VBOK ziet daarom graag dat de overtijdbehandeling onder de wet afbreking zwangerschap valt, zodat ook de beraadtermijn geldt. Dát is recht doen aan de complexe keuze waar de vrouw voor staat.

Ongeboren menselijk leven

Het woordje ‘vrouw’ komt 42 keer voor. De woorden ‘embryo’, ‘kind’, ‘foetus’ en ‘ongeboren’ niet één keer. Daarmee is veel gezegd. Zoekt de wet afbreking zwangerschap nog de precaire balans tussen het belang van de vrouw en het ongeboren kind, GroenLinks en PvdA hebben hier geen oog voor. Dat is kwalijk. Ze geven aan de pro-life-gedachte te respecteren omdat het wetsvoorstel abortus niet aanmoedigt, bevordert of verplicht. Dat lijkt me de meest smalle opvatting van beschermwaardigheid van het ongeboren leven die je maar kunt bedenken.

Het ongeboren menselijk leven verdient meer respect. Het verdient bescherming tegen keuzes die wellicht in blinde paniek worden genomen, in rap tempo gefaciliteerd door de huisarts met een volle wachtkamer hijgend in haar nek.

[2] Het kan politiek gezien nog spannend worden. Het opiniepanel-eenvandaag onderzocht het maatschappelijk draagvlak voor de voorgestelde wijziging. 63 procent spreekt zich uit voor een wetswijziging, dus voor het verstrekken van de abortuspil door de huisarts. 23 procent is tegen; 14 procent heeft geen mening. Ook binnen de achterbannen van de coalitiepartijen is een meerderheid voor.

Reacties uitgeschakeld voor Abortuspil via huisarts: onzorgvuldig voor de vrouw, respectloos voor het kind

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken