Thema’s aangaande Levensbegin (berichten)

We weten nog niet waar crispr knipt.

NRC, 7 december 2018. Auteur:  Anne Martens. Gentechnologie Crispr-cas knipt DNA nog lang niet zo nauwkeurig als genetici zouden willen. Ongewenste mutaties lijken voorlopig onvermijdelijk. De Chinese biofysicus Jiankui He sloeg…

NRC, 7 december 2018.

Auteur:  Anne Martens.

Gentechnologie Crispr-cas knipt DNA nog lang niet zo nauwkeurig als genetici zouden willen. Ongewenste mutaties lijken voorlopig onvermijdelijk.

De Chinese biofysicus Jiankui He sloeg veel ethische en technische stappen over bij het genetisch ‘verbeteren’ van baby’s Lulu en Nana. Vorige week liet hij, vanuit het niets, de wereld weten dat hij gesleuteld had aan het DNA van een tweeling tijdens hun embryonale fase, waardoor ze resistent zouden zijn tegen hiv. De ethische aspecten van zijn werk zijn afgelopen week in de media al veelvuldig besproken, maar hoe betrouwbaar is de techniek die hij gebruikte?

He is niet transparant geweest over zijn werkwijze. Hij lijkt zijn onderzoek in het geheim buiten de universiteit te hebben gedaan en publiceerde zijn experimenten niet in een wetenschappelijk tijdschrift. We kunnen alleen afgaan op wat hij presenteerde op de conferentie waarop hij het bestaan van de cirspr-baby’s bekend maakte.

De DNA-bewerkingstechniek die He zegt te hebben gebruikt, crispr-cas9, is nog volop in ontwikkeling. De afgelopen jaren tonen studies aan dat de techniek naast gewenste, ook ongewenste veranderingen in genen kan veroorzaken. Ook is het controversieel dat hij crispr-cas9 klinisch toepaste op menselijke embryo’s die hij terugplaatste in hun moeder, terwijl er nog nauwelijks studies naar de gevolgen van genenveranderingen bij menselijke embryo’s gedaan zijn.

He maakte de baby’s resistent tegen hiv door een stukje van het CCR5-gen weg te halen. Dit gen maakt normaalgesproken een eiwit aan dat aan de buitenkant van witte bloedcellen zit. Dat eiwit werkt als entreepunt voor hiv-virussen, die zich daaraan hechten en vervolgens de cel infecteren. Doordat dit stukje CCR5-gen weg is, mist ook een deel van dit eiwit, en zijn de kinderen dus resistent voor hiv-besmetting, is het idee.

Crispr-cas9 is een relatief nieuwe techniek om DNA te manipuleren. Het bestaat pas een jaar of vijf. Crispr-cas bestaat uit twee delen: een enzym, cas9, dat DNA-strengen kan doorknippen en een stuk gids-RNA dat in het DNA van een celkern kan zoeken naar een gen. Het gids-RNA bestaat uit een streng nucleotiden (met de basen A, U, C of G) dat als een puzzelstuk op het gen past. Zodra het RNA binnenin een celkern is, bindt het als het goed is alleen aan het stuk DNA dat er precies op past. Cas9 knipt het DNA vervolgens door.

De cel ziet deze knip als schade en zal die meteen herstellen. Bij die reparatie verdwijnen of veranderen er vaak net wat willekeurige nucleotiden, waardoor de functie van genen aan te passen is. Ook is het mogelijk om genen heel specifiek te veranderen door een stukje DNA te voegen tussen de knip.

Hoe goed werkt Crispr-cas9 op dit moment?

Hoe crispr-cas9 precies knipt, en welke schade daarbij kan ontstaan, is nog niet goed bekend. Op dezelfde conferentie waar He zijn werk presenteerde was ook Kathy Niakan aanwezig. Zij is ontwikkelingsbioloog aan het Francis Crick Instituut in Londen en mag als enige in Engeland genetische aanpassingen doen in menselijke embryo’s. In haar presentatie zegt ze dat er soms wel 29 miljoenen basenparen verdwijnen of bijkomen na het zetten van een crispr-cas9 knip in het DNA. „We vinden dit een belangrijke waarschuwing”, zegt ze. „Crispr-cas9 kan dus complexer werken dan we denken. Hou daar rekening mee bij onderzoek in het lab, en bij klinische toepassingen.” Haar data zijn nog niet gepubliceerd.

Crispr-cas9 kan fouten maken. Cas9 maakt dan een genbewerking op een verkeerde plaats. „Bij een embryo heeft Jiankui He een ongewenste mutatie gevonden”, vertelt stamcelbioloog Niels Geijsen van de Universiteit Utrecht. „Dat is natuurlijk een enorme rode vlag!” Toch besloot He het embryo terug te plaatsen, want de mutatie lag op een stuk DNA, tussen twee genen in. „Hij nam aan dat dat stuk DNA geen functie had, dus dat de mutatie geen kwaad kon. Maar we weten nog niet goed wat de functie is van het DNA tussen genen in. Ook toont het aan dat we crispr-cas9 nog niet helemaal onder controle hebben.”

Ook kan crispr-cas9 ongewenste genetische veranderingen veroorzaken die nog nooit eerder gezien zijn, en dus gemist worden bij standaard controles. Biotechnologen van de TU Delft ontdekten zo’n nieuw mutatiemechanisme na het inzetten van crispr-cas9 in gistcellen, Saccharomyces cerevisiae. De publicatie verscheen deze week in wetenschappelijk tijdschrift Nucleic Acids Research.

In gistcellen is DNA aanwezig in twee kopieën, net als bij mensen, die van ieder chromosoom een kopie van hun moeder en een kopie hun vader hebben. Wanneer de onderzoekers met crispr-cas9 het DNA wilden aanpassen op slechts een van de twee kopieën, lukte dat niet goed. Na de knip ging de cel het DNA wel repareren, maar bleek daarbij de ongeknipte kopie te gebruiken voor reparatie, waardoor verschillen tussen beide kopieën verdwenen. „Dan is de genmodificatie dus niet succesvol en kan genvariatie verloren gaan.” zegt biotechnoloog Arthur Gorter de Vries. Een dubbele set chromosomen werkt als een back-up: als een van de twee genen het niet doet, kan de andere versie dat opvangen. Maar als chromosomen elkaar kopiëren gaat de variatie verloren. De onderzoekers verwachten dat deze mutatie ook zou kunnen voorkomen bij gemodificeerde embryo’s en dat is risicovol, want een gebrek aan genvariatie kan bij mensen het kankerrisico verhogen.

De crispr-cas9-techniek zelf wordt steeds verder geoptimaliseerd. Maandelijks komen er publicaties over nieuwe Crispr technieken bij. „Er is inmiddels Cas12, een enzym dat DNA op een andere manier doorknipt”, legt Stan Brouns van de TU Delft uit. „Dit enzym is mogelijk iets preciezer dan cas9, waardoor de kans kleiner is dat er op de verkeerde plaats geknipt wordt.” Ook noemt hij een nieuwe ‘base-editing-techniek’ waarbij het cas9 eiwit het DNA niet doorknipt, maar losse basen kan verwisselen.

Wat gebeurt bij mensen

Het is onduidelijk welke gevolgen het wegknippen van stukken genen bij mensen heeft. „Mogelijk heeft het CCR5 gen ook te maken met het immuunsysteem en de vatbaarheid voor andere infectieziekten, zoals het westnijlvirus. Dit werk van He kan dus veel ernstige bijwerkingen als gevolg hebben”, vertelt Iris Jonkers, geneticus bij het UMC Groningen. „Per genbewerking zou je moeten onderzoeken welk effect een mutatie heeft op de ontwikkeling, maar dat is praktisch en ethisch niet te doen in menselijke embryo’s.”

Jiankui He deed een gering aantal dierproeven voordat hij de mutatie maakte in de embryo’s van Lulu en Nana. Op de conferentie van vorige week vertelde hij dat hij tests deed op 14 embryo’s van muizen, 27 embryo’s van primaten en 31 van mensen. Bij de teruggeplaatste muizenembryo’s keek hij tot in de derde generatie of de nakomelingen hinder ondervonden van het verwijderde gen. Hij vergeleek long, hart, lever en maagweefsels en keek hij naar het gedrag. Maar zag niets opvallends, zei hij.

„Er is altijd veel discussie over de tijd tussen een toepassing in het onderzoekslab en een toepassing bij patiënten”, zegt Sjoerd Repping, klinisch embryoloog bij het Amsterdam UMC. „Nergens is vastgesteld hoeveel keer je iets moet testen. Het gaat om het gevoel dat het veilig genoeg is.” En daar schort het aan bij He. „Als hij vond dat zijn preklinische gegevens voldoende waren om het klinisch toe te passen, dan had hij er verstandig aan gedaan deze data te publiceren en te zien of de academische consensus, die nu nog zegt ‘vooral nog niet toepassen’, zou verschuiven.”

Maar de overstap van testen op dieren naar de toepassing bij mensen is vaak een dilemma. Daar worstelen ze bij het Amsterdam UMC ook mee. „Wat zegt een proef op 500 muizen over een veilige toepassing bij mensen?” zegt Repping. Hij vertelt dat er al 25 jaar gewerkt wordt aan onderzoek naar het herstellen van de vruchtbaarheid van mannen die als jonge jongen kanker kregen. Om hun vruchtbaarheid veilig te stellen kunnen ze vóór de kankerbehandeling een klein stukje testikel weghalen en invriezen. Als het kind volwassen is geworden, en onvruchtbaar blijkt, kunnen de stamcellen uit het weefsel worden opgekweekt en in de testikel teruggeplaatst, in de hoop dat de mannen weer vruchtbaar worden. „Bij muizen, ratten, honden, stieren en apen, werkt het allemaal….”, vertelt hij. „We hebben gekeken hoe het nageslacht van proefdieren zicht ontwikkelt. Maar wanneer zeg ik tegen een man: ‘Onderga die transplantatie maar, ga naar huis en maak je vrouw zwanger’? Dat is lastig.”

Het is dus nog veel te vroeg om crispr-cas9 toe te passen op mensen, vinden alle gesproken onderzoekers van de universiteiten in Utrecht en Delft en de universitair medische centra van Amsterdam, Groningen en Leiden. Over de mogelijkheden van crispr-cas9 zijn ze enthousiast, maar ze vrezen voor imagoschade van de techniek na de presentatie van Jiankui He.

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor We weten nog niet waar crispr knipt.

Waar ligt de grens tussen genezen en verbeteren?

NRC, 7 december 2018, opinie. Auteur: Britta van Beers is universitair hoofddocent rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Design-baby’s; de crispr-techniek om menselijke embryo’s genetisch te veranderen hoort niet in…

NRC, 7 december 2018, opinie.

Auteur: Britta van Beers is universitair hoofddocent rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Design-baby’s; de crispr-techniek om menselijke embryo’s genetisch te veranderen hoort niet in de fertiliteitskliniek, betoogt Britta van Beers. Het huidige verbod is er niet voor niets.

Onder de hoede van He Jiankui zijn twee genetisch gemodificeerde baby’s geboren, heeft hij bekend gemaakt. De Chinese wetenschapper gebruikte de crispr-cas9-techniek om het dna van de meisjes in wording te bewerken. Met deze techniek zijn apen, honden, vogels, insecten en vissen al genetisch gemodificeerd. Hoe te denken over de mogelijkheid dat de mens nu ook zichzelf gaat veredelen? Is het tijd om het wereldwijde verbod op ‘kiembaanmodificatie’ – een aanpassing van het dna die via zaad- of eicellen kan worden doorgegeven – op te heffen? Of is het praktisch onmogelijk om deze ‘zelfdomesticatie van de mens’ via regulering in goede banen leiden?

Over deze vragen, die raken aan de toekomst van de mensheid, woeden wereldwijd verhitte discussies. Voor- en tegenstanders van kiembaanmodificatie nemen het He zeer kwalijk dat hij de uitkomst ervan niet heeft afgewacht.

Crispr is geen louter medisch-technische kwestie, die met wat pragmatisme op te lossen zou zijn

Volgens de embryologen Sebastiaan Mastenbroek en Sjoerd Repping heeft dit debat echter geen zin (Laat het verbod op embryokweek los, 4/12) Immers: „De genbaby’s komen eraan.” Daarom is het geen optie meer om de techniek niet te willen. Het gaat er alleen nog om onder welke voorwaarden de techniek veilig en effectief is te gebruiken.

Medici kunnen volgens hen het best bepalen of de techniek al klinisch veilig is; zo brengen ze het terug tot een louter medisch-technische kwestie, die met wetenschappelijke deskundigheid, risicomanagement en pragmatisme op te lossen zou zijn.

Maar zo wordt de publieke verbeeldingskracht, die dit debat nu juist zo nodig heeft, in de kiem gesmoord. Een technologie die raakt aan de toekomst van de menselijke voortplanting verdient een breed gedragen democratisch debat, waarin iedereen, en niet alleen de wetenschappelijke beroepsgroep, wordt uitgenodigd om na te denken over de vraag wat voor een toekomst we willen voor onszelf en komende generaties.

Want met deze technologie staan, naast gezondheidsrisico’s, meerdere fundamentele waarden op het spel.

Internationale rechtsorde

Het verbod op kiembaanmodificatie kwam in de jaren negentig tot stand. De internationale rechtsorde vreesde destijds dat kinderen anders gedegradeerd zouden worden tot objecten. En ook dat sociaal-economische ongelijkheden op genetisch niveau zouden doorwerken in toekomstige generaties.

Helaas staan Mastenbroek en Repping niet alleen. Eerder stelden de Gezondheidsraad en toenmalig minister van Volksgezondheid Edith Schippers (VVD) al voor om het Nederlandse verbod op kiembaanmodificatie op te heffen. Volgens hen bieden de huidige regels voor embryoselectie een bruikbaar reguleringsmodel.

Bij embryoselectie worden meerdere embryo’s gecreëerd en wordt na genetische screening een selectie gemaakt. Deze techniek is van groot belang voor wensouders met genetische aandoeningen in de familie. Voor hen biedt embryoselectie in veruit de meeste gevallen reeds de mogelijkheid erfelijke ziektes te voorkomen.

Ziektes uitbannen

In Nederland is embryoselectie alleen toegestaan om ernstige ziektes te voorkomen. Schippers en de raad denken dat deze benadering ook voor kiembaanmodificatie een begaanbare weg vormt. Want wie is er nu tegen uitbanning van ernstige ziektes? En worden langs deze weg de gevaren van eugenetica en mensverbetering niet afgewend?

Helaas ligt het niet zo simpel. Voor dit reguleringsmodel is het essentieel om het begrip ‘ernstige ziektes’ precies af te bakenen. Maar waar ligt de grens tussen het genezen en verbeteren van het nageslacht? Bij kiembaanmodificatie is het risico van een hellend vlak veel groter dan bij embryoselectie. Bij de laatste methode wordt een keuze mogelijk tussen embryo’s die door de genetische loterij tot stand zijn gebracht. Maar crispr doorbreekt het monopolie van de genetische loterij en vergroot het aantal keuzemogelijkheden radicaal.

Zo maakt crispr het mogelijk dna toe te voegen dat niet van de ouders afkomstig is, of zelfs niet eens bij mensen voorkomt. De mogelijkheden tot ‘mensverbetering’ nemen dan ook exponentieel toe als kiembaanmodificatie wordt toegelaten in de fertiliteitskliniek.

Met zijn ingreep beoogde He de meisjes in wording resistent te maken tegen het hiv-virus. Is hier sprake van genezing of mensverbetering? De kwestie van de Chinese crispr-baby’s laat al zien hoe de grens tussen genezen en verbeteren van meet af aan vervaagt. De ingreep bracht geen genezing tot stand. Tegelijkertijd kan het doel van de ingreep toch medisch worden genoemd omdat het gaat om de preventie van aids.

Vergeet de grens

Volgens het gezaghebbende Britse adviesorgaan voor medisch-ethische kwesties, de Nuffield Council on Bioethics, is die grens zelfs zo problematisch, dat je het idee van een grens maar betere helemaal kunt loslaten. Mits de genetische ingreep bijdraagt aan „het welzijn van het toekomstige kind”, acht het invloedrijke adviesorgaan toepassing van deze technologie ethisch aanvaardbaar, aldus die adviesraad in zijn recente rapport Genome editing and human reproduction. De Nuffield Council gaat daarmee aanzienlijk verder dan oud-minister Schippers en de Gezondheidsraad: de deur naar mensverbetering wordt wagenwijd opengezet met alle risico’s van dien.

Uiteraard is ook een andere redenering mogelijk. Als het praktisch onmogelijk is om een scherpe grens te trekken tussen genezen en verbeteren, is de belofte van een strikt gereguleerd en beperkt gebruik van kiembaanmodificatie dan eigenlijk geen illusie? In dat licht lijkt het beter om vast te houden aan het bestaande verbod op kiembaanmodificatie en niet het zorgvuldig opgebouwde wereldwijde juridische kader af te breken bij de eerste gelegenheid dat het relevant wordt af te breken.

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Waar ligt de grens tussen genezen en verbeteren?

Laat het verbod op embryokweek los?

NRC, 3 december 2018, opinie. Auteurs: Sebastiaan Mastenbroek is klinisch embryoloog en onderzoeker. Sjoerd Repping is klinisch embryoloog, hoogleraar en afdelingshoofd. Beiden van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde, Amsterdam UMC, locatie AMC. Design-baby’s;…

NRC, 3 december 2018, opinie.

Auteurs: Sebastiaan Mastenbroek is klinisch embryoloog en onderzoeker. Sjoerd Repping is klinisch embryoloog, hoogleraar en afdelingshoofd. Beiden van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde, Amsterdam UMC, locatie AMC.

Design-baby’s; nieuwe voortplantingstechnieken gaan aan Nederland niet voorbij, dus laten we die zelf uitgebreid onderzoeken, schrijven Sebastiaan Mastenbroek en Sjoerd Repping.

De Chinese wetenschapper Jiankui He kondigde vorige week de geboorte aan van twee baby’s die genetisch gemodificeerd zijn. Een belangrijke ontwikkeling, hoewel er nog veel onzekerheid is over het onderzoek. De verontwaardiging was groot: de techniek wordt nog onvoldoende veilig geacht en er heeft nog onvoldoende maatschappelijke discussie plaatsgevonden over de vraag tot waar we moeten gaan met genetische modificatie van mensen. De crispr-techniek is te gebruiken voor het voorkómen van zeer ernstige erfelijke aandoeningen, maar ook voor het genetisch ‘verbeteren’ van de mens. Dat laatste kan dan gaan om het toevoegen van eigenschappen die nu ook al bij sommige individuen onder ons voorkomen, zoals resistentie tegen hiv of een hoog IQ, tot het aanbrengen van eigenschappen die nog geen mens bezit, zoals het bestand zijn tegen straling of het kunnen genereren van energie uit zonlicht.

Hiv-resistentie

Je zou je daarom kunnen afvragen óf we deze techniek wel moeten willen. Maar dat is simpelweg geen optie meer. De genbaby’s komen eraan. De techniek is er, en de wens om die te gebruiken bestaat. In 2016 bleek al dat 65 procent van de kijkers van het wetenschapsprogramma De Kennis van Nu ‘kiembaanmodificatie’ zou gebruiken om het doorgeven van een erfelijke spierziekte te voorkomen (Kiembaancelmodicicatie is een aanpassing van het dna die via zaad- of eicellen kan worden doorgegeven). Het resistent maken voor hiv werd gesteund door 30 procent, terwijl dit 15 procent was voor het verhogen van intelligentie. Uiteraard alleen als het effectief en veilig zou zijn.

Er is veel ervaring met nieuwe technieken in de voortplantingsgeneeskunde. Die laat zien dat mensen er veel voor over hebben om toegang te krijgen tot nieuwe technieken, als ze ervan overtuigd zijn dat ze daarmee hun kans vergroten op het krijgen van een gezond kind. Als iets binnen bestaande wet- en regelgeving mogelijk is, zal het gebeuren. Zo werd er nog maar twee jaar geleden een kind geboren dat tot stand werd gebracht uit twee eicellen en een zaadcel, de zogenaamde drie-ouder-ivf, om het doorgeven van een genetische ziekte uit mitochondriën – het deel van de cel waar energiesynthese plaatsvindt – te voorkomen. Een koppel uit Jordanië toog naar een arts in New York, die het paar behandelde in een privékliniek in Mexico, waar er geen wet bestaat die dit soort behandelingen verbiedt.

Voortplantingszorg is vrijwel overal een private aangelegenheid. Er worden miljarden in verdiend

Het sentiment wereldwijd was vorige week ook niet dat er een verbod moet komen. Wel dat er eerst onderzoek naar de veiligheid van de techniek moet plaatsvinden. De vraag is echter of dat er komt. De voortplantingszorg is vrijwel overal in de wereld een private aangelegenheid. Er worden miljarden aan verdiend, niet alleen door privéklinieken, maar ook door de enorme industrie van investeerders en toeleveranciers die daar achter zitten. En onderzoek naar effectiviteit en veiligheid kost veel geld.

De geschiedenis leert ons dat nieuwe technieken veelal toegepast worden zonder gedegen bewijs van effectiviteit en veiligheid; deze technieken blijken soms pas jaren later niet effectief en zelfs schadelijk te zijn. Nederland is wat dat betreft écht een uitzondering. De ivf-zorg is hier geen commerciële activiteit, het belang van de patiënt staat voorop en behandelingen worden alleen uitgevoerd als er bewijs is dat ze van toegevoegde waarde zijn voor de patiënt. En als er onvoldoende bewijs is dan onderzoeken we dat.

Biotech-startups

De financiële belangen rondom genetische modificatie zijn groot. Jiankui He heeft sinds 2016 ruim 38 miljoen euro aan investeringen gekregen in zijn biotech-startups. In de VS heeft het bedrijf Editas Medicine, dat zich inzet om genetische modificatie te gebruiken voor de behandeling van ziektes, inmiddels een marktwaarde van meer dan 1,5 miljard dollar. Dergelijk investeringsgeld kan belangrijk zijn voor innovatie, maar als de innovatie de weg naar de patiënt vindt, dan moeten we daar immer kritisch op zijn.

Nederland moet niet de verwachting hebben deze ontwikkelingen buiten de deur te kunnen houden. In onze ogen moet we gezamenlijk in Nederland bepalen waar we kiembaanmodificatie wel en niet voor willen gebruiken. Tegelijkertijd is het ontzettend belangrijk om goed preklinisch onderzoek te doen naar de effectiviteit en veiligheid van dit soort behandelingen. Dat geldt niet alleen voor kiembaanmodificatie, maar feitelijk voor alle huidige en toekomstige voortplantingstechnieken. Dat moeten we niet willen overlaten aan buitenlandse investeerders en andere mensen met winstbejag.

Om de effectiviteit en veiligheid van voortplantingsbehandelingen te onderzoeken is het noodzakelijk om menselijke embryo’s te maken voor onderzoek. In Nederland heerst er echter al sinds 2002 een verbod op het maken van embryo’s voor onderzoek, ondanks herhaaldelijk advies van diverse commissies om het verbod op te heffen. Deze discussie is niet wetenschappelijk maar politiek: christelijke partijen vinden het maken van embryo’s voor onderzoek niet verenigbaar met hun eigen normen en waarden en maken er daarom in politieke onderhandelingen consequent een niet-onderhandelbaar onderwerp van. Daar gaan nieuwe voortplantingstechnieken echter niet van weg. Sterker nog, door deze houding zijn we niet goed voorbereid op hun komst.

 

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Laat het verbod op embryokweek los?

Deze stap had nooit gezet mogen worden.

NRC, 1 december 2018, Opinie. Auteur: Rosanne Hertzberger is microbioloog. Ik zal eerlijk bekennen dat ik het debat over genetisch sleutelen aan mensen altijd doodsaai vond. Telkens weer diezelfde irrelevante…

NRC, 1 december 2018, Opinie.

Auteur: Rosanne Hertzberger is microbioloog.

Ik zal eerlijk bekennen dat ik het debat over genetisch sleutelen aan mensen altijd doodsaai vond. Telkens weer diezelfde irrelevante vragen: of ouders straks oogkleur en intelligentie mochten bepalen (hoe dan?), veel luchtfietserij, veel alarmistische voorspellingen van beroepsethici. Ik vond het weinig urgent allemaal.

Daar kwam deze week definitief verandering in.

Twee baby’s geboren met geknipt en geplakt DNA

Er zijn twee baby’s geboren met geknipt en geplakt DNA. Als we de berichtgeving moeten geloven zijn er meer onderweg. Deze jonge mensen zijn dus in de kern van hun wezen aangepast, in al hun organen, huid, hersenen, vezels en vaten zit het resultaat van het werk van de onderzoeker. Hun geslachtscellen zijn geen uitzondering daarop. En aangezien er niets is dat straks deze vrouwen ervan weerhoudt zich voort te planten, is er grote kans dat de creatie van de onderzoeker voortgezet wordt in alle komende generaties.

Het blijft fascinerend hoe manipuleerbaar het leven is. Elke keer als iemand roept: „Dat zit in het DNA van onze samenleving!” denk ik: mooi, dan kan je er dus naar hartelust aan sleutelen. Dat molecuul, de grondwet van het bestaan, kun je bijvoorbeeld gewoon synthetiseren. Uitprinten zeg maar. Je geeft het aan een bacterie en die gaat verder alsof er niks aan de hand is.

En bacteriën zijn nog redelijk eenvoudig om te veranderen. Moeilijker beesten waren altijd planten, muizen, mensen. Daarom was het debat ook zo vaak oninteressant, want wanneer het spannend werd, waren er allerlei praktische hordes (peperduur, omslachtig).

Crispr-gereedschap

Nu is er crispr-gereedschap. De techniek is voor iedereen beschikbaar, niet alleen binnen de nog ietwat sociaal gecontroleerde academische omgeving, maar in elk bedrijf, elke biohacker-space en bij elke onderzoeker die graag wereldwijde faam wil. In de literatuur wemelt het al van nieuwe weefsels en nieuwe proefdieren, muizen, ratten, varkens, makaken waar genen uit zijn gehaald of juist in gezet. Dat zijn handige mutanten waarmee je allerlei menselijke ziektes kunt nabootsen en dus bestuderen.

De onderzoeker die gentech-mensen creëerde is overduidelijk een grens over gegaan, daar was zo ongeveer iedereen het over eens deze week. Maar u moet eens goed opletten welke argumenten er tegenin worden gebracht. Wat was het probleem precies van dit experiment? Ik hoorde vooral veel praktische bezwaren, het meeste in de nabije toekomst op te lossen. Zo had de onderzoeker niet genoeg met collega’s en maatschappij overlegd. En veiligheid! Want ook crispr knipt op verschillende plekken in het DNA en een van de baby’s had ook daadwerkelijk een extra mutatie op een onbedoelde plek met nog onbekende effecten. Maar bovenal: wat was dat levensontwrichtende medische probleem wat hiermee opgelost moest worden? Dat was er niet.

Maar stel je voor dat de aanpassingen allemaal wel veilig waren of in ieder geval een acceptabel risico gegeven een serieuze erfelijke ziekte van de ouders. En stel dat de onderzoeker keurig te werk was gegaan, duidelijk gecommuniceerd had en zijn plannen door vijfentachtig ethische commissies waren beoordeeld. Wat was dan uw oordeel geweest? Oftewel: mogen we het DNA van de geslachtscellen van mensen blijvend veranderen, zodat de veranderingen generaties lang in stand kunnen blijven?

Mijn antwoord is: nee. Niet vanwege praktische bezwaren. Zelfs niet vanwege het gebrek aan instemming door het genetisch gemodificeerde nageslacht. Baby’s wordt immers nooit gevraagd ergens hun handtekening onder te zetten.

Aantasting van de waarde en waardigheid van de mens

Mijn bezwaren zijn fundamenteler. Ook zonder God heeft de mens zijn heiligheid nog niet verloren in mijn ogen. Of in ieder geval blijft hij verhevener boven de andere soorten dieren. Er is geen enkel wetenschappelijk bewijs dat dat zo is, je kunt het zelfs soortenfascisme noemen, en toch is dat mijn stellige overtuiging. Onze chromosomen zijn het enige dat alle mensen gemeen hebben. Laten we dat juridisch beschermen en onveranderlijk maken. China zou die onderzoeker de cel in moeten gooien wegens overtredingen tegen de menselijkheid. We moeten grenzen trekken, en snel.

 

Reacties uitgeschakeld voor Deze stap had nooit gezet mogen worden.

Er zijn veel embryo’s nodig voor dat ene gewenste leven

Nederlands Dagblad, 6 september 2018 Auteurs: Diederik van Dijk en Elise van Hoek-Burgerhart, directeur resp. manager belangenbehartiging van NPV – Zorg voor het leven Vandaag praat de Tweede kamer over…

Nederlands Dagblad, 6 september 2018

Auteurs: Diederik van Dijk en Elise van Hoek-Burgerhart, directeur resp. manager belangenbehartiging van NPV – Zorg voor het leven

Vandaag praat de Tweede kamer over medische ethiek. Alle hete hangijzers staan op de agenda: orgaandonatie, euthanasie en afbreking zwangerschap. Spannend wordt het ook als het gaat over wat we met embryo’s willen.
Er staat veel op het spel vandaag in de Kamer. Op grond van de Embryowet is nu alleen onderzoek toegestaan met embryo’s die overblijven na vruchtbaarheidsbehandelingen. Maar embryo’s kunnen ook gekweekt worden. Willen we dat? Het is hoog tijd dat de discussie over kweekembryo’s van de grond komt. Wij hebben grote bezwaren. Vooral omdat het kweken van embryo’s voor onderzoek, om ze daarna te vernietigen, in strijd is met de menselijke waardigheid. De specialisten van de Gezondheidsraad, die in 2017 het rapport schreven ‘Ingrijpen in het DNA van de mens: doen of laten?’, gaan hieraan voorbij en stelden dat als onderzoek met kweekembryo’s het doel heeft ‘ernstige aandoeningen’ terug te dringen, ‘het niet meer in strijd zou zijn met de menselijke waardigheid’.

Het politieke debat hierover is spannend. De huidige coalitie kent belangrijke ideologische tegenpolen, ChristenUnie en D66. Maar die tegenpolen hoeven het debat niet te verlammen. Ze maken namelijk beter dan ooit duidelijk wat de achterliggende levensbeschouwelijke dilemma’s en drijfveren zijn.

Zorgkosten

Uiteindelijk gaat het over veel meer dan de status en beschermwaardigheid van het embryo. Het gaat over ons allemaal. Het gaat ook over stijgende zorgkosten en hoe je die afweegt tegen de alternatieven. Tegen welke prijs willen we ernstige erfelijke ziekten uitroeien? Hoeveel embryo’s offeren we op voor dat ene felbegeerde kind voor een stel van hetzelfde geslacht? En willen we mensen beter maken of betere mensen maken? De morele waarde van elk embryo mag niet buiten beeld raken. Niet bij de Gezondheidsraad en de Tweede Kamer, maar ook niet bij het grote publiek. Wat zich nu afspeelt in laboratoria en lobbykamers, kan bepalen hoe menselijk leven er in de toekomst uitziet. Hoe wij reageren, zegt veel over wie we zijn en welke waardigheid we ook dat prille leven toekennen. Daarom is het debat vandaag in de Tweede Kamer zo belangrijk.

Onvruchtbare koppels

Chuva de Sousa Lopes, onderzoeker in het Leids Universitair Medisch Centrum, vertelt in de VPRO/Human-serie De volmaakte mens dat ze graag onvruchtbare koppels een genetisch eigen kind wil geven. Dat klinkt zeer menslievend. Want wie gunt zo’n stel nu geen kinderen? Maar om haar wens te verwezenlijken wil ze graag embryo’s kweken.

Voor de duidelijkheid: het gaat hier niet om ivf (reageerbuisbevruchting). Bij die techniek worden een eigen eicel en zaadcel ingezet om een zwangerschap van een genetisch eigen kind te laten ontstaan. Gekweekte embryo’s worden meer gezien als testmateriaal: behulpzaam om processen te leren kennen van een succesvolle voortplanting.

Rechtsfilosoof Britta van Beers stelde in haar bijdrage in een rondetafelgesprek voor de Tweede Kamer (4 juni 2018) dat er ‘een verdingelijking van een embryo optreedt’ wanneer je die doelbewust creëert voor wetenschappelijke doeleinden. Bij een embryo ontstaan in een ivf-traject, is er een relatie met de ouders, maar die ontbreekt bij een kweekembryo. Hoeveel leven mag je vernietigen om gewenst leven tot stand te brengen? Die vragen gelden bij kweekembryo’s, maar ook nu al. De huidige ivf-praktijk in Nederland creëert jaarlijks 100.000 embryo’s, 95.000 gaan verloren. Aantallen om duizelig van te worden. Hoe hoog wordt het aantal bij embryokweek? Rond grenzeloos onderzoek met proefkonijnen is terecht discussie en protest. Bij onderzoek naar embryo’s is het stil.

Wetenschappers stellen dat onderzoek met embryo’s nodig is voor veilige nieuwe technieken. Maar het gaat niet alleen over stamcellen. Het gaat om de vraag ‘Wat is dat, menselijk leven?’ En op deze vraag is het antwoord van een natuurkundige anders dan het antwoord van een filosoof of een ethicus. Onder een microscoop zie je cellen, maar je ziet geen liefde of waardigheid. Toch horen ze alle drie bij menselijk leven.

Onvruchtbaarheid

En dan nog een vraag: hoe noodzakelijk is het onderzoek om onvruchtbare stellen een eigen kind te geven? Je kunt er ook anders tegenaan kijken. ‘Onvruchtbaarheid neemt niet toe’, stelde gynaecoloog en vruchtbaarheidsspecialist Egbert te Velde in 2017 in het wetenschappelijke tijdschrift European Journal of Obstetrics & Gynecology and Reproductive Biology. De vraag naar ivf groeit, terwijl de biologische vruchtbaarheid stabiel is, stelt hij. Anticonceptie en uitstelgedrag zijn de belangrijkste boosdoeners, waardoor stellen geen kinderen krijgen wanneer ze dat wel willen.

Hoever zijn we nog verwijderd van het ideaal van absolute autonomie en het ‘recht’ een kind samen te stellen naar eigen keuze? Er zijn meer vragen dan antwoorden. Maar die antwoorden moeten er wel komen. De Tweede Kamer zet vandaag een belangrijke stap, voor zichzelf en voor de samenleving.

 

Reacties uitgeschakeld voor Er zijn veel embryo’s nodig voor dat ene gewenste leven

Nota Medische ethiek van ministerie VWS en debat TK

Rijksoverheid. Auteur: minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Hugo de Jonge. Minister De Jonge (VWS) informeert de Tweede Kamer hoe het kabinet de komende jaren zal omgaan met medisch-ethische vragen en wat…

Rijksoverheid.

Auteur: minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Hugo de Jonge.

Minister De Jonge (VWS) informeert de Tweede Kamer hoe het kabinet de komende jaren zal omgaan met medisch-ethische vragen en wat het kabinet op dit gebied wil bereiken.

Hij schrijft in de inleiding van zijn nota als volgt. “Met grote regelmaat is er maatschappelijke aandacht voor medisch-ethische vraagstukken. In het publieke debat leven vragen rondom zwangerschap en geboorte, het doen van medisch-wetenschappelijk onderzoek of het maken van keuzes over zorg rondom het levenseinde. Ethische kwesties raken aan de kern van wie we zijn en waar we voor staan. In de samenleving bestaan op medisch-ethisch gebied verschillende opvattingen. Het maken van keuzes over deze vraagstukken is daardoor geen eenvoudige opgave. Juist daarom is een goede dialoog met elkaar van belang. Door uit te gaan van gedeelde waarden en respect te hebben voor de gezichtspunten van een ander, meent dit kabinet een goed gesprek over ethische vraagstukken te kunnen voeren en wellicht (een deel van) de verschillen te kunnen overbruggen. Voor alle partijen zijn een goede volksgezondheid en gezondheidszorg van belang.

De ontwikkeling van de geneeskunde wordt gevoed door wetenschappelijk onderzoek en technologische innovaties en beoogt te resulteren in nieuwe diagnostiek en behandelmogelijkheden, preventie en genezing van ziektes, mogelijkheden om lijden te verlichten, of meer patiëntgerichte zorg. Dat neemt niet weg dat de opvattingen over de precieze invulling van die zorg of wetenschap
uiteen kunnen lopen. Wanneer bij besluitvorming over deze onderwerpen medisch-ethische overwegingen een rol spelen, is bestaande wet- en regelgeving het uitgangspunt, zoals afgesproken in het regeerakkoord.

Het doel van dit kabinet is om bij medisch-ethische vraagstukken te komen tot beleid dat kan rekenen op breed draagvlak binnen onze samenleving, dat aansluit bij ons moreel kompas. Om bij beleidsveranderingen een antwoord te vinden op de vraag welke ruimte wenselijk en aanvaardbaar is, zijn daartoe in het regeerakkoord drie vragen opgenomen, die het uitgangspunt vormen voor het maken van keuzes en daarmee voor de standpunten van dit kabinet. Allereerst zal de vraag naar de medisch-wetenschappelijke noodzaak moeten worden gesteld.
Zijn er toereikende alternatieven die geen of een minder vergaande verruiming van de beleidsruimte behoeven? Als tweede is er de vraag naar de medisch-ethische dimensie, waarbij niet alleen wetenschappelijke belangen worden gewogen, maar waarbij ook ethische bezinning bij wetenschappers en zorgprofessionals een rol speelt. Het regeerakkoord verwijst daarbij naar het
zwaarwegende belang van adviezen van de Gezondheidsraad en andere adviesorganen, alsmede de Raad van State. Tot slot is van belang dat er maatschappelijke discussie en politieke bezinning heeft plaatsgevonden.

In deze nota werkt de Minister verder uit hoe het kabinet hieraan verder invulling wil geven. Vervolgens gaat hij in op de diverse concrete beleidsvraagstukken en schetst hij de richting waarin het kabinet de komende jaren zal gaan. Hij doet dat aan de hand van drie overkoepelende thema’s:

1) vraagstukken rond het begin van het leven;

2) medisch-wetenschappelijk onderzoek en technologie;

3) vraagstukken rond het einde van het leven.

 

Zie “Nota medische ethiek, d.d. 6 juli 2018”

Zie ook het verslag van het algemeen overleg in de Tweede Kamer, gehouden op 6 september 2018, over Medische ethiek/ Afbreking zwangerschap/ Euthanasie (te downloaden op de website van de Tweede Kamer Der Staten- Generaal.

 

 

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Nota Medische ethiek van ministerie VWS en debat TK

Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK   Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA…

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK

 

Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA om de abortuspil door de huisarts te laten voorschrijven. Nu kan de abortuspil alleen door abortusartsen worden voorgeschreven. De petitie tegen het wetsvoorstel wordt ook ondersteund door dertien organisaties, zoals Juristenvereniging Provita, Platform Zorg voor Leven, het Prof. Dr. G.A. Lindeboom Instituut, diverse huisartsen en zorgprofessionals.

 

Snelheid gaat ten koste van zorgvuldigheid

GroenLinks en de PvdA beogen met het wetsvoorstel snellere, toegankelijkere zorg te leveren aan vrouwen die voor abortus willen kiezen. Ondersteuners van de petitie ‘De abortuspil NIET bij de huisarts – vrouw en kind verdienen beter’ zijn kritisch op het wetsvoorstel. Vanwege het belang van een zorgvuldige keuze en de psychosociale gevolgen die abortus met zich mee kan brengen, zijn ze tegen een laagdrempelige toegang tot abortus. Arthur Alderliesten, directeur VBOK: “De keuze voor het afbreken of uitdragen van een zwangerschap is voor een vrouw en haar ongeboren kind onherstelbaar. Ook ervaren vrouwen vaak de werking van de abortuspil als heftig. Dit vraagt passende begeleiding bij het keuzeproces en nazorg. En dat kost tijd. Een vrouw heeft dan ook recht op gespecialiseerde begeleiding bij het nemen van haar beslissing en kennis over al haar opties: abortus, het zelf opvoeden van het kind, maar ook adoptie of pleegzorg.”

Beschikbare tijd huisarts

De petitie stelt dat huisartsen momenteel onvoldoende tijd hebben om vrouwen bij een onbedoelde zwangerschap goed te begeleiden. Huisartsen en de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) geven namelijk aan dat ze willen naar minder patiënten en meer tijd per patiënt. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat huisartsen, voor vijf op de zes onbedoeld zwangere vrouwen, alleen een doorverwijzing gaf naar de abortuskliniek en geen informatie verschafte over alternatieven voor abortus. Mede gezien de waarschuwingen over tijdsdruk pleiten de ondertekenaars er voor de abortuspil niet via de huisarts te laten verstrekken.

Duidelijk signaal

Alderliesten drukte de Tweede Kamerleden op het hart: “Dit is een duidelijk signaal aan de leden van de Tweede Kamer dat er veel mensen zijn die een onbedoeld zwangere vrouw en het ongeboren leven de ruimte en tijd gunnen voor het maken van een weloverwogen keuze.”

VBOK

De VBOK zet zich al sinds 1971 in om het maatschappelijk draagvlak voor bescherming van het ongeboren menselijk leven te vergroten. De petitie is op initiatief van de VBOK gestart op 6 maart 2018 en sindsdien door 21.287 mensen ondertekend.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Onbeperkt vruchtbaar

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99   Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat…

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten

Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99

 

Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat over de mogelijkheden en de dilemma’s die opgerekte vruchtbaarheid met zich meebrengt en nodigt uit tot gesprek.

Op achtendertigjarige leeftijd vond journalist Larissa Pans zichzelf met een dikke buik al een oude moeder. Tot haar fascinatie zag ze in het ziekenhuis echter nog veel oudere zwangere vrouwen rondlopen. Haar gynaecoloog vertelde over vruchtbaarheidstoerisme. Daarover wilde ze meer weten.

Pans verdiepte zich in het onderwerp en voerde gesprekken met gynaecologen, fertiliteitsartsen, ethici, oude moeders en politici. Het resultaat is een informatief boek van ruim tweehonderd pagina’s. De vruchtbaarheidsindustrie begon met ivf, die deze zomer veertig jaar bestaat. Vrouwen stellen het krijgen van een kind uit, maar dat pakt niet altijd goed uit. De kwaliteit van eicellen neemt af wanneer vrouwen ouder dan dertig zijn. Zwangerschappen op hogere leeftijd hebben meer risico op complicaties, miskramen en vroeggeboortes.

Laat moederschap is een proces. Vrouwen die niet op een natuurlijke manier zwanger kunnen of willen worden, kunnen tot hun vijftigste gebruikmaken van een ivf-behandeling. Als je eicellen tenminste goed genoeg zijn. Zo niet, dan kun je een donor zoeken in je directe omgeving. Lukt dat niet, dan kun je in het buitenland eicellen kopen. Deze laat je vervolgens met het zaad van je partner bevruchten. Heb je geen partner, dan kun je een bevruchte eicel kopen. Een embryo dus. Voor deze handel kun je terecht in Griekenland, Spanje of Oekraïne. Het brengt de schrijver tot de verbijsterende conclusie dat vruchtbaarheidstechnologieën zijn verworden tot commerciële handel.

Stel moederschap als het even kan niet uit, gaf Pans onlangs aan in een interview met BNR Nieuwsradio. Laat moederschap is niet zozeer een feministische verworvenheid, al geeft uitstel wat meer keuzevrijheid. Voor vroeger moederschap is een mentaliteitsverandering, een cultuuromslag nodig, bepleit ze.

Gaandeweg de totstandkoming van het boek kwamen de belangen van het (ongeboren) kind scherper op Pans’ netvlies te staan. De situatie van een kind dat voortkomt uit (anonieme) donatie, is enigszins te vergelijken met adoptie. Kinderen zijn daardoor onzeker over hun afstamming, met alle gevolgen voor hun identiteitsgevoel. Met Onbeperkt vruchtbaar heeft Larissa Pans het maatschappelijk gesprek een noodzakelijk zetje gegeven. Dit gesprek moet verder en roept verdiepingsvragen op. Hoe kunnen de rechten van het (ongeboren) kind worden geborgd? Wat zijn die rechten? Welke moraal ligt er onder die rechten? Hoe verhoudt de beschermwaardigheid van het leven vanaf de conceptie zich tot de morele vragen rond de vruchtbaarheidsindustrie?

Wat in Nederland niet kan en mag, mag en kan in het buitenland wel, waardoor er een bloeiende internationale industrie is ontstaan. Het politieke gesprek kan zich daarom niet beperken tot de Nederlandse wetgeving en zal op Europees niveau moeten worden opgepakt. Een restrictieve werking is dan nauwelijks te verwachten, omdat diverse Europese landen juist ruimere wetgeving kennen. Wat zijn de verwachtingen en mogelijkheden? ■

Reacties uitgeschakeld voor Onbeperkt vruchtbaar

Het taboe op abortus heeft twee kanten

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10. Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind   Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor…

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10.

Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind

 

Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor abortus. De VBOK plaatst een aantal kanttekeningen.

Het essay van Jennie Barbier in de Volkskrant van 15 juni legt ook de koppeling tussen feminisme en abortus. Abortus is verworden tot icoon van vrouwenrechten en daarom is Barbier bang. Bang dat het recht op abortus wordt afgepakt, waarvoor juist hard is gevochten door vroegere generaties feministen. Met bijna jaloerse blikken richting Ierland en Argentinië waar nu ‘overwinningen’
worden behaald in het legaliseren van abortus, ziet ze in Nederland het taboe op abortus alleen maar toenemen. Een paar kanttekeningen bij haar analyse. Eenzijdigheid Het siert Jennie Barbier dat ze openlijk spreekt over haar persoonlijke ervaring met abortus. Dat het ingrijpend is blijkt ook uit haar verhaal. Maar Barbier benadert het vraagstuk van eenzijdig: die van de vrouw en haar recht. Laten we het ook eens hebben over de ander die in het geding is: het ongeboren kind. Heel veel mensen vinden het menselijk leven vanaf het prilste begin beschermwaardig. Hoe je het wendt of keert: abortus provocatus beëindigt ongeboren menselijk leven, geeft het kind niet de kans geboren te worden.

Kritiek is nog geen taboe

Voor Barbier is elke reden voor een abortus legitiem. De Nederlandse wet echter ademt een andere geest. Die zegt dat iedere afbreking van zwangerschap met zorgvuldigheid moet worden genomen en alleen wanneer de noodsituatie van de vrouw deze onontkoombaar maakt (Wet afbreking zwangerschap, artikel 5). Deze zorgvuldigheid is ingebouwd omdat abortus een ingrijpende beslissing is. Dat het geen gewone medische ingreep is, blijkt er wel uit dat de wetgeving onderdeel is van het strafrecht. Het is daarom niet vreemd dat de Barbier constateert dat financiële of
andere praktische overwegingen om tot abortus over te gaan maatschappelijk niet op volledige steun kunnen rekenen. De wetgeving en het moreel besef in de samenleving liggen blijkbaar in elkaars verlengde. Barbier constateert dat er een banale, alledaagse werkelijkheid schuilt achter de ongeveer dertigduizend abortussen die jaarlijks in Nederland worden uitgevoerd. Een aspect van die banale werkelijkheid is dat in bijna de helft van het aantal abortussen financiën een rol speelt (overigens vrijwel altijd in combinatie met andere factoren). Redenen waaraan iets te doen is.
Redenen die een abortus volgens de constructie van de wet geen legitimatie vormen, wanneer deze overkomelijk zijn. En in de praktijk van de hulpverlening blijken dergelijke noodsituaties dikwijls oplosbaar te zijn. Dat komt het ongeboren kind ten goede, maar is ook blijk van goede zorg voor vrouwen.

Psychologische gevolgen

‘De vrouwen die ik sprak over abortus gingen niet van schuld of spijt’, schrijft Barbier. Logisch, ze zit in haar eigen progressieve bubbel, zo schrijft ze zelf al.

Maatschappelijk werkers die dagelijks te maken hebben met abortusproblematiek kennen ook de andere kant. Dagelijks spreken zij vrouwen die zoeken naar verwerking van gevoelens van schuld, spijt en schaamte. Uit het Rutgersonderzoek Seksuele gezondheid in Nederland 2009 bleek dat vier van de tien ondervraagde vrouwen geen negatieve gevolgen van een abortus ondervinden. Daarnaast staan echter zes van tien vrouwen die die wél ervaren. Zij kampen met psychosociale klachten als depressie, boosheid, spijt of schaamte. Hoe helpen we deze vrouwen verder? Door de gevoelens te erkennen of ontkennen? Iedere vrouw ervaart een abortus anders. Zeg haar niet hoe ze dat moet doen. Zo doorbreken we het taboe.

Hoe doorbreken we het taboe?

Barbier kreeg het gevoel dat het gepaster was om over haar abortus te zwijgen: ‘fluistercultuur werkt taboe in de hand’. Ik stem in met haar gedachte dat het helpt om het taboe op het spreken over abortus te doorbreken. Daarom twee vragen om het gesprek verder te brengen:
1. Kan het zo zijn dat juist het continue gehamer op abortus als recht van de vrouw mede het taboe in stand houdt? Want hoe moeilijk is het voor vrouwen om te zeggen dat ze spijt hebben van een abortus, omdat juist dát het icoon is geworden van het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw?
2. Wat is goede (postabortus) begeleiding? Waarmee wordt een vrouw werkelijk geholpen en hoe helpt het doorbreken van het taboe

Reacties uitgeschakeld voor Het taboe op abortus heeft twee kanten

De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek. Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van…

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek.

Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van de zorg aan de Theologische Universiteit Kampen, en Arthur Alderliesten, directeur van de VBOK, de organisatie die zich inzet voor de bescherming van het ongeboren kind.

Wetenschappers pleiten hartstochtelijk voor het toestaan van embryokweek. Tijdens een zitting in de Tweede Kamer stelden zij dat deze stap nodig is om ‘kinderziekten’ bij ivf weg te kunnen nemen. Door onderzoek met embryo’s hoopt men de kweekvloeistoffen die bij ivf nodig zijn, te vervolmaken. Een te laag geboortegewicht bij ivf-baby’s zou dan tot het verleden behoren. Ook hoopt men op termijn het aantal geslaagde ivf-behandelingen te kunnen verhogen, wat zou leiden tot minder verspilling van embryo’s.

Genetische aandoeningen

Maar deze beperkte toepassingen lijken nog maar het begin. Coen Brummer verdedigde op de website van Trouw eerder het gebruik van kweekembryo’s ten behoeve van genetische modificatie bij embryo’s. Daardoor zouden we genetische aandoeningen kunnen genezen.

Hoewel we de intenties lovenswaardig vinden, hebben wij moeite met de middelen en de consequenties.

Een embryo is menselijk leven. Wanneer we niet ingrijpen door abortus of het niet gebruiken als onderzoeksmateriaal, en de natuur het niet afstoot, dan groeit er uit dat klompje cellen een mens. Een uniek menselijk organisme met de codes voor geslacht, haarkleur, uiterlijk en karakter. Dat is niet bedoeld om te eindigen als onderzoeksmateriaal, maar om zich te ontwikkelen en geboren te worden.

Het lijkt ons bovendien onwaarschijnlijk dat de kweek van embryo’s beperkt zal blijven tot genoemde toepassing van ivf-verbetering. Alom pleiten wetenschappers voor het toestaan van experimenten met het genetisch bewerken van een embryo d.m.v. de CRISPR-CAS9-methode. Hiermee wordt het mogelijk om een stukje ‘ziek’ DNA uit een cel te knippen en te vervangen door niet-aangedaan DNA. Idealiter kunnen hiermee erfelijke aandoeningen worden voorkomen, maar het is onduidelijk of het ooit veilig zal zijn om veranderingen aan te brengen in het erfelijk materiaal in de kiembaan. Deze veranderingen zijn bovendien permanent en worden, met bijwerkingen, doorgegeven aan volgende generaties.

Doel heiligt niet alle middelen

Ons laatste bezwaar betreft de gevolgen van deze technologieën voor de samenleving. Als menselijk leven zozeer geïnstrumentaliseerd wordt, wat zegt dat over ons respect voor ‘leven aan de rand’ – beginnend, eindigend, gekwetst, wilsonbekwaam? Leed voorkomen is een kenmerk van een cultuur bij uitstek, maar een beschaving kenmerkt zich ook door de kunst om je ambities ‘bij te schaven’. Het doel heiligt niet alle middelen. Technologische aspiraties kunnen ons afleiden van de kunst om met het bestaan in al zijn grilligheid om te gaan. Bovendien dragen deze ontwikkelingen verder bij aan de visie dat kinderen een ‘project’ worden.

Om deze redenen bepleiten wij een instandhouding van het verbod op het kweken van embryo’s. Voorstanders van embryokweek betogen dat we door het gebruik van embryo’s die bij ivf overblijven toch al menselijk leven instrumenteel gebruiken. Dat klopt. We bepleiten daarom dat er bij ivf niet meer embryo’s worden gecreëerd dan er kans hebben om in de baarmoeder geplaatst te worden. Maar ook restembryo’s zijn toch in principe gecreëerd vanuit de oprechte intentie dat zij kans maken geboren te worden. Bij gekweekte embryo’s is die mogelijkheid op voorhand bewust afgesloten. Dat betekent een nog verder gaande instrumentalisering van menselijk leven. Die kant moeten niet op willen.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken