Hoge Raad

Hoge Raad staat euthanasie toe op mensen met vergevorderde dementie

Een arts mag euthanasie uitvoeren op iemand met een vergevorderde dementie. Hij moet daarbij wel voldoen aan alle wettelijke eisen voor de uitvoering van een euthanasie, waaronder uitzichtloos en ondraaglijk…

Een arts mag euthanasie uitvoeren op iemand met een vergevorderde dementie. Hij moet daarbij wel voldoen aan alle wettelijke eisen voor de uitvoering van een euthanasie, waaronder uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Als hij aan de voorwaarden voldoet, is de arts niet strafbaar. Dat oordeelde de Hoge Raad 21 april 2020 in een uitspraak ‘in het belang van de wet’. De Hoge Raad gaf ook uitgangspunten voor de invulling van de zorgvuldigheidseisen in die bijzondere situatie.

De Hoge Raad merkt wel op dat als het gaat voortgeschreden dementie, de voorwaarden voor het uitvoeren van een euthanasie moeten worden ingevuld op een manier die recht doet aan de bijzonderheid van de situatie. Er moet dan in het schriftelijk verzoek specifiek worden gevraagd om euthanasie als een patiënt door voortgeschreden dementie zijn wil niet meer kan uiten. En zelfs bij een dergelijk schriftelijk verzoek, kunnen er omstandigheden zijn waardoor de arts euthanasie toch niet uitvoert. Daarbij kan het gaan om gedrag of verbale uitingen van een patiënt waaruit blijkt dat de daadwerkelijke gesteldheid van de patiënt niet overeenkomt met de in het verzoek voorziene situatie.

Euthanasie op dementerende vrouw

De zaak betrof een arts die op 22 april 2016 euthanasie uitvoerde bij een dementerende vrouw die was opgenomen in een verpleeghuis. De 74-jarige vrouw had een schriftelijke wilsverklaring  vervolgens in dwaarin stond dat zij euthanasie wilde wanneer zij wegens dementie zou worden opgenomen in een verpleeghuis en zij zelf de tijd daarvoor rijp achtte. Maar toen zij eenmaal was opgenomen, gaf de patiënte gemengde signalen over haar doodswens. Toch ging de verpleeghuisarts in goed overleg met de familie over tot euthanasie.

De uitspraak van de Hoge Raad heeft betrekking op zowel de strafzaak als de tuchtzaak tegen de arts. In de strafzaak oordeelde de rechtbank dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld en dus niet strafbaar was. Maar het OM ging daartegen niet in beroep. Wel stelde de procureur-generaal (PG) bij de Hoge Raad in de strafzaak en de tuchtzaak een vordering tot cassatie in het belang van de wet in. Met de vordering wilde de PG de Hoge Raad in staat te stellen om richting te geven aan de rechtsontwikkeling over euthanasie. Omdat er sprake is van een cassatie in het belang van de wet, heeft de uitspraak geen rechtsgevolgen voor de betrokken partijen. De uitspraak van de eerdere rechter blijft van toepassing.

Klik hier voor de samenvatting van de uitspraak en de complete uitspraak in de strafzaak en de tuchtzaak.

 

Reacties uitgeschakeld voor Hoge Raad staat euthanasie toe op mensen met vergevorderde dementie

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken