Orgaandonatie en transplantatie

Donordilemma’s

Elsevier weekblad, 17 maart 2018 Auteur: Joppe Gloerich   ORGANEN/ Uit de vele reacties blijkt hoe beladen de vernieuwde donorwet is. Dat Eerste en Tweede Kamer zich hebben uitgesproken, betekent…

Elsevier weekblad, 17 maart 2018

Auteur: Joppe Gloerich

 

ORGANEN/ Uit de vele reacties blijkt hoe beladen de vernieuwde donorwet is.

Dat Eerste en Tweede Kamer zich hebben uitgesproken, betekent niet dat de emoties zijn verdwenen. Een omstreden wet ontleed aan de hand van drie stellingen. “Hersendood is niet echt dood”; “Van nabestaanden wordt te veel gevraagd”; “Het recht op onaantastbaarheid van het lichaam geldt ook na de dood.”

zie: http://provita.nl/wp-content/uploads/2018/04/2018-03-17-Elsevier-Donordilemmas.pdf

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Donordilemma’s

Meer dan 100.000 keer ‘nee’ in eerste week nieuwe donorwet

Elsevier Weekblad , 20 februari 2018 Auteur: Matthijs van Schie, (1992)  hij is sinds 1 februari 2018 webredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam….

Elsevier Weekblad , 20 februari 2018

Auteur: Matthijs van Schie, (1992)  hij is sinds 1 februari 2018 webredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Het aantal mensen dat zich afmeldt als orgaandonor is fors. Sinds vorige week de nieuwe donorwet werd aangenomen, staat de teller al op meer dan honderdduizend keer ‘nee’. De wet van D66-Kamerlid Pia Dijkstra regelt dat mensen die geen bezwaar maken automatisch donor zijn.

Dat blijkt uit het aantal nieuwe registraties en keuzewijzigingen in het Donorregister, dat wordt bijgehouden door het ministerie van Volksgezondheid. De cijfers zijn vanwege de grote belangstelling tijdelijk openbaar gemaakt. Sinds vorige week dinsdag (13 februari), toen de Eerste Kamer instemde met het wetsvoorstel, hebben maar liefst 105.206 mensen in het donorregister aangegeven dat ze geen toestemming geven om na hun dood organen af te staan.

Waarom Dijkstra’s ‘donorwet’ in strijd is met fundamenteel grondrecht: lees het commentaar van Maartje Schulz

Bijna 84.000 van hen hadden vóór de nieuwe donorwet nog geen keuze gemaakt. Meer dan 21.000 wijzigden hun keuze, ook al is niet bekend wat zij eerder hadden gekozen. Op de dag dat het wetsvoorstel werd aangenomen, werd de weerzin van veel Nederlanders al duidelijk: bijna 25.000 mensen meldden bij het register: ‘Nee, ik geef geen toestemming’.

Dijkstra rekende op veel ‘nee’s’

Het aantal nieuwe orgaandonoren, een kleine 28.000, ligt veel lager. En dat terwijl de nieuwe donorwet juist méér donoren moet opleveren.

Initiatiefnemer Pia Dijkstra zei zaterdag in een interview met de Leeuwarder Courant dat ze op ‘heel veel nee’s’ had gerekend. Toch noemt ze elke nieuwe registratie winst, omdat van ongeveer negen miljoen Nederlanders niet bekend is of ze wel of geen organen willen doneren. Dat draagt volgens haar bij aan de lange lijsten met patiënten die nu wachten op een nieuw orgaan.

Wat verandert er nu de nieuwe donorwet is aangenomen? Lees de analyse van Joppe Gloerich

Veel debat en controverse

Aan de instemming met de nieuwe donorwet – die het met 38 stemmen vóór en 36 stemmen tegen nipt haalde – gingen weken van intensief debat vooraf. Het was wonderbaarlijk dat de wet door de Tweede Kamer kwam; als Kamerlid Frank Wassenberg (Partij voor de Dieren) niet te laat bij de stemming was geweest, had het voorstel niet eens de Eerste Kamer gehaald.

De stemming in de Eerste Kamer was ook al niet zonder controverse. Zo was SP-senator Arda Gerkens tegen de nieuwe wet, maar stemde ze niet omdat ze zich ‘verscheurd’ voelde tussen haar partij – die voorstander was – en haar ‘persoonlijke overtuigingen’, schreef ze woensdag op Twitter.

Ook kostte het dossier Marleen Barth (PvdA) haar positie als fractievoorzitter in de Eerste Kamer. Barth wekte de woede van een aantal PvdA-kopstukken door haar vakantie naar de Malediven, waardoor ze het belangrijke debat over de donorwet miste. Daarom besloot ze zelf af te treden.

Reacties uitgeschakeld voor Meer dan 100.000 keer ‘nee’ in eerste week nieuwe donorwet

Voor of tegen de donorwet: de dood is en blijft een relatief begrip

Dagblad Trouw, 13 februari 2018 Auteur: Willem Schoonen Een scherpe definitie van de dood is in de wetenschap niet te vinden. Net zo min als van het leven. Hersendood is niet dood,…

Dagblad Trouw, 13 februari 2018

Auteur: Willem Schoonen

Een scherpe definitie van de dood is in de wetenschap niet te vinden. Net zo min als van het leven.

Hersendood is niet dood, roepen tegenstanders van de nieuwe donorwet waarover de Eerste Kamer vandaag stemt. En inderdaad: het hart van de hersendode klopt nog. Dus als een kloppend hart de definitie van leven is, is de patiënt nog niet overleden. En een kloppend hart wás de definitie van leven, tot een halve eeuw geleden. Dood stond gelijk aan: geen pols en geen ademhaling. Hart en longen werden beschouwd als de motoren van leven; als die ermee ophielden, trad de dood in. Totdat, in 1947, voor het eerst met een flinke elektrische schok een stilgevallen hart weer op gang werd gebracht. De defibrillator, nu een apparaat van alledag, veranderde de definitie van leven, en daarmee van de dood. Een stilstaand hart was het definitieve einde niet meer. Een paar jaar later gebeurde hetzelfde met de longen. Begin jaren vijftig deed de kunstmatige beademing zijn intrede in de kliniek. Daarmee kon een uitgevallen longfunctie, tot dan een zekere pijler van de dood, worden overgenomen. Ook een stilgevallen ademhaling stond niet meer gelijk aan de dood.

Coma

Met die nieuwe technieken konden mensenlevens worden gered. Maar in de klinieken kwamen nu ook patiënten te liggen die door hersenschade in een diepe coma waren, maar wier hart en longen nog aan gang gehouden konden worden.  Artsen worstelden daarmee. Sommigen van die comateuze patiënten zouden misschien kunnen herstellen, maar anderen zeker niet, omdat de schade aan hun hersenen te groot was. Het leidde tot praktische problemen, want die diep comateuze patiënten hielden bedden bezet. En het leidde tot een ethische discussie die een vol decennium zou duren, en die reikte van de kliniek tot in het Vaticaan. Want artsen hadden weliswaar gezworen niemand zorg te onthouden, maar waren zij verplicht en was het ethisch verantwoord medische handelingen te verrichten op iemand die nooit meer tot leven zou kunnen komen? Enige duidelijkheid bracht een nieuwe technologie die toen zijn intrede deed in de kliniek: het ence­phalogram (e.e.g.). Daarmee kon worden vastgesteld of de patiënt nog hersenactiviteit vertoonde. De dood kreeg een nieuwe pijler: het ontbreken van enige meetbare hersenactiviteit. Dit werd eind jaren zestig de ‘hersendood’. Een term waarbij medici in die dagen grote aarzelingen hadden. Ze wilden niet pretenderen dat ze de dood een nieuwe definitie hadden gegeven. Ze spraken daarom aanvankelijk over ‘onomkeerbare coma’.  ‘Coma depassé’, zeiden de Fransen. Maar hersendood, ‘brain death’ in het Engels, is sinds een halve eeuw de gangbare term.

Acceptatie

Het begrip hersendood is inmiddels geaccepteerd in alle werelddelen en in alle grote religies. Verschillende landen hebben verschillende definities, maar daarin komen dezelfde basiselementen terug: geen hersenactiviteit, geen bewustzijn en reflexen, en geen spontane ademhaling. In Nederland zijn artsen gebonden aan het Hersendoodprotocol van de Gezondheidsraad, waarin precies beschreven staat welke tests gedaan moeten worden om de hersendood vast te stellen. Tegelijk met deze verandering in het medisch denken over leven en dood, kwam de transplantatiegeneeskunde op. Voor de eerste transplantaties van nier en lever, eind jaren vijftig, werd gebruik gemaakt van organen uit lijken. De ontvangers overleden doorgaans snel; toen al was duidelijk dat organen van ‘levende’ donoren beter zouden zijn. Maar artsen hadden grote aarzeling organen te verwijderen bij een levende donor, ook lag die met zware hersenbeschadiging in coma. Ook daarvoor hadden ze behoefte aan een moderne definitie van de dood. Zonder de transplantatiegeneeskunde was die discussie er ook wel gekomen. Sterker: de medici die in de jaren zestig tot de definitie van hersendood kwamen, hadden niet het idee dat orgaantransplantatie wijdverbreid zou raken. Ze zochten een richtlijn om uit te maken wie te behandelen en wie niet meer. Hersendood werd die richtlijn. Pas daarna werd die ook bepalend voor de vraag wanneer het wegnemen van organen voor transplantatie geoorloofd zou zijn. In medische ogen is de dood gradueel. Dood is wat niet meer functioneert en zijn oorspronkelijke functie ook niet kan hervatten. Dat kan voor het ene lichaamsdeel gelden terwijl het andere nog leeft. Die dood is een heel andere dan de dood van een mens, een persoon. Enige overeenkomst is dat beide onomkeerbaar zijn.

Donorwet terug in de Eerste Kamer

In theorie kan het vandaag in enkele minuten afgelopen zijn: de Eerste Kamer hoeft alleen nog maar hoofdelijk te stemmen over de donorwet van Pia Dijkstra (D66). Dat betekent 75 keer ‘voor’ of ‘tegen’, waarna Kamervoorzitter Broekers-Knol de uitslag voorleest. Maar dat is de theorie. De senaat moet niet alleen oordelen over de wet, maar ook over een motie van de PvdA-fractie. Die regelt dat nadrukkelijker wordt vastgelegd dat nabestaanden een beslissende stem hebben in het wel of niet afstaan van organen van hun dierbaren. Over die motie is discussie ontstaan. Deze zou te veel ingrijpen in het oorspronkelijke wetsvoorstel van D66. Dat ­betekent dat de motie moet worden aangepast en dat de Eerste Kamer de mogelijkheid krijgt te debatteren over de nieuwe tekst.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Voor of tegen de donorwet: de dood is en blijft een relatief begrip

Verbod op orgaanhandel werkt niet: ‘Experimenteer met het toestaan van beloning voor nierdonatie’

De Volkskrant: 22 augustus 2017 Auteur: Wil Thijssen   Het verbod op orgaanhandel werkt niet. Wereldwijd worden nieren illegaal verkocht, wat leidt tot prijsopdrijving en een gebrek aan screening en nazorg…

De Volkskrant: 22 augustus 2017

Auteur: Wil Thijssen

 

Het verbod op orgaanhandel werkt niet. Wereldwijd worden nieren illegaal verkocht, wat leidt tot prijsopdrijving en een gebrek aan screening en nazorg voor patiënten en donoren.

Landen met schrijnend lange transplantatiewachtlijsten, zoals de VS, zouden moeten experimenteren met het toestaan van beloning voor nierdonatie. Die aanbeveling doet Frederike Ambagtsheer, criminoloog en internationaal jurist aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, in haar onlangs verschenen proefschrift over orgaanhandel. ‘Je zou kunnen denken aan gratis ziektekostenverzekering, belastingvoordelen of een geldbedrag’, stelt Ambagtsheer. ‘Zo’n beloningssysteem zou door de overheid moeten worden gereguleerd.’

Orgaanhandel is in 1987 door de Wereldgezondheidsorganisatie verboden omdat die de integriteit en menselijke waardigheid zou aantasten – meestal zijn het de armste, kwetsbare groepen die illegaal een orgaan afstaan in ruil voor geld. Ambagtsheer vindt het ‘nogal paternalistisch als je zegt: jij bent te arm, we laten jou je nier niet verkopen. Orgaanhandel is misschien immoreel, maar het is ook immoreel om mensen op de wachtlijst te laten sterven’.

Waarom zou een arme zijn nier niet mogen verkopen?

Wie een nieuwe nier wil, kan er volgende week een hebben, weet Frederike Ambagtsheer na vijf jaar internationaal onderzoek naar de illegale orgaanhandel. Het verbod werkt niet, stelt ze vast, dus misschien moeten we beloningen gaan toestaan voor nierdonoren.

Erwin Kompanje, klinisch ethicus aan de Erasmus Universiteit, heeft ‘nooit goed begrepen’ waarom arme mensen hun nieren niet mogen verkopen. ‘Als zij op die manier geld willen verdienen, so what? Het is een beloning voor iets bijzonders. Als iemand altruistisch doneert, vinden we het allemaal geweldig, maar als iemand er iets voor wil hebben is het ineens immoreel. Dat roepen overigens alleen rijke mensen.’
Hoogleraar gezondheidsrecht Martin Buijsen stelt daartegenover dat de huidige regels niet voor niets verbieden dat iemand aan zijn organen verdient. ‘Het is onbetamelijk dat je arme mensen gemakkelijker kunt bewegen tot het verkopen van nieren, dan rijken. Dat verbod is vastgelegd in de mensenrechten en die zijn juist bedoeld om vooral de zwakkeren in een samenleving te beschermen. Daar is volstrekt niets paternalistisch aan.’

Actieve donorregistratie levert eveneens meer organen op en komt wél overeen met de mensenrechten, stelt Hoogleraar gezondheidsrecht Martin Buijsen

Buijsen vindt het veranderen van het huidige beslissingssysteem veel voordehandliggender: ‘Voer gewoon een geen-bezwaarsysteem voor postmortale orgaandonatie in, zoals actieve donorregistratie. Het wetsvoorstel daarvoor van D66 ligt nu bij de Eerste Kamer. Dat systeem levert eveneens meer organen op en komt wél overeen met de mensenrechten. Het werkt de wachtlijsten niet geheel weg, maar geen enkele maatregel doet dat.’

Om het orgaantekort tegen te gaan, riep Corinne Dettmeijer – de Nationaal Rapporteur Mensenhandel – eerder al op tot een politieke discussie over een strikt gereguleerde vorm van financiële beloning voor nierdonatie. Dat die discussie uitblijft is volgens haar ‘jammer, want de wetenschap verkent al jaren de theoretische mogelijkheden van een verantwoord systeem met financiële stimuli. Het onderwerp verdient bredere, politieke aandacht’

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Verbod op orgaanhandel werkt niet: ‘Experimenteer met het toestaan van beloning voor nierdonatie’

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken