Thema’s aangaande Levensbegin (berichten)

Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK   Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA…

Gouda 6 september 2018, persbericht VBOK

 

Op donderdagmorgen 6 september bood de VBOK, namens 21.287 Nederlanders, de Tweede Kamer een petitie aan tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA om de abortuspil door de huisarts te laten voorschrijven. Nu kan de abortuspil alleen door abortusartsen worden voorgeschreven. De petitie tegen het wetsvoorstel wordt ook ondersteund door dertien organisaties, zoals Juristenvereniging Provita, Platform Zorg voor Leven, het Prof. Dr. G.A. Lindeboom Instituut, diverse huisartsen en zorgprofessionals.

 

Snelheid gaat ten koste van zorgvuldigheid

GroenLinks en de PvdA beogen met het wetsvoorstel snellere, toegankelijkere zorg te leveren aan vrouwen die voor abortus willen kiezen. Ondersteuners van de petitie ‘De abortuspil NIET bij de huisarts – vrouw en kind verdienen beter’ zijn kritisch op het wetsvoorstel. Vanwege het belang van een zorgvuldige keuze en de psychosociale gevolgen die abortus met zich mee kan brengen, zijn ze tegen een laagdrempelige toegang tot abortus. Arthur Alderliesten, directeur VBOK: “De keuze voor het afbreken of uitdragen van een zwangerschap is voor een vrouw en haar ongeboren kind onherstelbaar. Ook ervaren vrouwen vaak de werking van de abortuspil als heftig. Dit vraagt passende begeleiding bij het keuzeproces en nazorg. En dat kost tijd. Een vrouw heeft dan ook recht op gespecialiseerde begeleiding bij het nemen van haar beslissing en kennis over al haar opties: abortus, het zelf opvoeden van het kind, maar ook adoptie of pleegzorg.”

Beschikbare tijd huisarts

De petitie stelt dat huisartsen momenteel onvoldoende tijd hebben om vrouwen bij een onbedoelde zwangerschap goed te begeleiden. Huisartsen en de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) geven namelijk aan dat ze willen naar minder patiënten en meer tijd per patiënt. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat huisartsen, voor vijf op de zes onbedoeld zwangere vrouwen, alleen een doorverwijzing gaf naar de abortuskliniek en geen informatie verschafte over alternatieven voor abortus. Mede gezien de waarschuwingen over tijdsdruk pleiten de ondertekenaars er voor de abortuspil niet via de huisarts te laten verstrekken.

Duidelijk signaal

Alderliesten drukte de Tweede Kamerleden op het hart: “Dit is een duidelijk signaal aan de leden van de Tweede Kamer dat er veel mensen zijn die een onbedoeld zwangere vrouw en het ongeboren leven de ruimte en tijd gunnen voor het maken van een weloverwogen keuze.”

VBOK

De VBOK zet zich al sinds 1971 in om het maatschappelijk draagvlak voor bescherming van het ongeboren menselijk leven te vergroten. De petitie is op initiatief van de VBOK gestart op 6 maart 2018 en sindsdien door 21.287 mensen ondertekend.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Ruim 21.000 Nederlanders zijn tegen wetsvoorstel abortuspil bij de huisarts

Onbeperkt vruchtbaar

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99   Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat…

Nederlands Dagblad, 13 juni 2018, BOEKBESPREKING, door Arthur Alderliesten

Boek “Onbeperkt vruchtbaar”: auteur Larissa Pans. Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam. 240 blz. € 19,99

 

Het boek Onbeperkt Vruchtbaar gaat over de mogelijkheden en de dilemma’s die opgerekte vruchtbaarheid met zich meebrengt en nodigt uit tot gesprek.

Op achtendertigjarige leeftijd vond journalist Larissa Pans zichzelf met een dikke buik al een oude moeder. Tot haar fascinatie zag ze in het ziekenhuis echter nog veel oudere zwangere vrouwen rondlopen. Haar gynaecoloog vertelde over vruchtbaarheidstoerisme. Daarover wilde ze meer weten.

Pans verdiepte zich in het onderwerp en voerde gesprekken met gynaecologen, fertiliteitsartsen, ethici, oude moeders en politici. Het resultaat is een informatief boek van ruim tweehonderd pagina’s. De vruchtbaarheidsindustrie begon met ivf, die deze zomer veertig jaar bestaat. Vrouwen stellen het krijgen van een kind uit, maar dat pakt niet altijd goed uit. De kwaliteit van eicellen neemt af wanneer vrouwen ouder dan dertig zijn. Zwangerschappen op hogere leeftijd hebben meer risico op complicaties, miskramen en vroeggeboortes.

Laat moederschap is een proces. Vrouwen die niet op een natuurlijke manier zwanger kunnen of willen worden, kunnen tot hun vijftigste gebruikmaken van een ivf-behandeling. Als je eicellen tenminste goed genoeg zijn. Zo niet, dan kun je een donor zoeken in je directe omgeving. Lukt dat niet, dan kun je in het buitenland eicellen kopen. Deze laat je vervolgens met het zaad van je partner bevruchten. Heb je geen partner, dan kun je een bevruchte eicel kopen. Een embryo dus. Voor deze handel kun je terecht in Griekenland, Spanje of Oekraïne. Het brengt de schrijver tot de verbijsterende conclusie dat vruchtbaarheidstechnologieën zijn verworden tot commerciële handel.

Stel moederschap als het even kan niet uit, gaf Pans onlangs aan in een interview met BNR Nieuwsradio. Laat moederschap is niet zozeer een feministische verworvenheid, al geeft uitstel wat meer keuzevrijheid. Voor vroeger moederschap is een mentaliteitsverandering, een cultuuromslag nodig, bepleit ze.

Gaandeweg de totstandkoming van het boek kwamen de belangen van het (ongeboren) kind scherper op Pans’ netvlies te staan. De situatie van een kind dat voortkomt uit (anonieme) donatie, is enigszins te vergelijken met adoptie. Kinderen zijn daardoor onzeker over hun afstamming, met alle gevolgen voor hun identiteitsgevoel. Met Onbeperkt vruchtbaar heeft Larissa Pans het maatschappelijk gesprek een noodzakelijk zetje gegeven. Dit gesprek moet verder en roept verdiepingsvragen op. Hoe kunnen de rechten van het (ongeboren) kind worden geborgd? Wat zijn die rechten? Welke moraal ligt er onder die rechten? Hoe verhoudt de beschermwaardigheid van het leven vanaf de conceptie zich tot de morele vragen rond de vruchtbaarheidsindustrie?

Wat in Nederland niet kan en mag, mag en kan in het buitenland wel, waardoor er een bloeiende internationale industrie is ontstaan. Het politieke gesprek kan zich daarom niet beperken tot de Nederlandse wetgeving en zal op Europees niveau moeten worden opgepakt. Een restrictieve werking is dan nauwelijks te verwachten, omdat diverse Europese landen juist ruimere wetgeving kennen. Wat zijn de verwachtingen en mogelijkheden? ■

Reacties uitgeschakeld voor Onbeperkt vruchtbaar

Het taboe op abortus heeft twee kanten

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10. Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind   Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor…

Friesch Dagblad, 02 juli 2018, pagina 10.

Auteur: Arthur Alderliesten is directeur van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind

 

Feminisme lijkt wat terug van weggeweest. Dat betekent ook vernieuwde aandacht voor abortus. De VBOK plaatst een aantal kanttekeningen.

Het essay van Jennie Barbier in de Volkskrant van 15 juni legt ook de koppeling tussen feminisme en abortus. Abortus is verworden tot icoon van vrouwenrechten en daarom is Barbier bang. Bang dat het recht op abortus wordt afgepakt, waarvoor juist hard is gevochten door vroegere generaties feministen. Met bijna jaloerse blikken richting Ierland en Argentinië waar nu ‘overwinningen’
worden behaald in het legaliseren van abortus, ziet ze in Nederland het taboe op abortus alleen maar toenemen. Een paar kanttekeningen bij haar analyse. Eenzijdigheid Het siert Jennie Barbier dat ze openlijk spreekt over haar persoonlijke ervaring met abortus. Dat het ingrijpend is blijkt ook uit haar verhaal. Maar Barbier benadert het vraagstuk van eenzijdig: die van de vrouw en haar recht. Laten we het ook eens hebben over de ander die in het geding is: het ongeboren kind. Heel veel mensen vinden het menselijk leven vanaf het prilste begin beschermwaardig. Hoe je het wendt of keert: abortus provocatus beëindigt ongeboren menselijk leven, geeft het kind niet de kans geboren te worden.

Kritiek is nog geen taboe

Voor Barbier is elke reden voor een abortus legitiem. De Nederlandse wet echter ademt een andere geest. Die zegt dat iedere afbreking van zwangerschap met zorgvuldigheid moet worden genomen en alleen wanneer de noodsituatie van de vrouw deze onontkoombaar maakt (Wet afbreking zwangerschap, artikel 5). Deze zorgvuldigheid is ingebouwd omdat abortus een ingrijpende beslissing is. Dat het geen gewone medische ingreep is, blijkt er wel uit dat de wetgeving onderdeel is van het strafrecht. Het is daarom niet vreemd dat de Barbier constateert dat financiële of
andere praktische overwegingen om tot abortus over te gaan maatschappelijk niet op volledige steun kunnen rekenen. De wetgeving en het moreel besef in de samenleving liggen blijkbaar in elkaars verlengde. Barbier constateert dat er een banale, alledaagse werkelijkheid schuilt achter de ongeveer dertigduizend abortussen die jaarlijks in Nederland worden uitgevoerd. Een aspect van die banale werkelijkheid is dat in bijna de helft van het aantal abortussen financiën een rol speelt (overigens vrijwel altijd in combinatie met andere factoren). Redenen waaraan iets te doen is.
Redenen die een abortus volgens de constructie van de wet geen legitimatie vormen, wanneer deze overkomelijk zijn. En in de praktijk van de hulpverlening blijken dergelijke noodsituaties dikwijls oplosbaar te zijn. Dat komt het ongeboren kind ten goede, maar is ook blijk van goede zorg voor vrouwen.

Psychologische gevolgen

‘De vrouwen die ik sprak over abortus gingen niet van schuld of spijt’, schrijft Barbier. Logisch, ze zit in haar eigen progressieve bubbel, zo schrijft ze zelf al.

Maatschappelijk werkers die dagelijks te maken hebben met abortusproblematiek kennen ook de andere kant. Dagelijks spreken zij vrouwen die zoeken naar verwerking van gevoelens van schuld, spijt en schaamte. Uit het Rutgersonderzoek Seksuele gezondheid in Nederland 2009 bleek dat vier van de tien ondervraagde vrouwen geen negatieve gevolgen van een abortus ondervinden. Daarnaast staan echter zes van tien vrouwen die die wél ervaren. Zij kampen met psychosociale klachten als depressie, boosheid, spijt of schaamte. Hoe helpen we deze vrouwen verder? Door de gevoelens te erkennen of ontkennen? Iedere vrouw ervaart een abortus anders. Zeg haar niet hoe ze dat moet doen. Zo doorbreken we het taboe.

Hoe doorbreken we het taboe?

Barbier kreeg het gevoel dat het gepaster was om over haar abortus te zwijgen: ‘fluistercultuur werkt taboe in de hand’. Ik stem in met haar gedachte dat het helpt om het taboe op het spreken over abortus te doorbreken. Daarom twee vragen om het gesprek verder te brengen:
1. Kan het zo zijn dat juist het continue gehamer op abortus als recht van de vrouw mede het taboe in stand houdt? Want hoe moeilijk is het voor vrouwen om te zeggen dat ze spijt hebben van een abortus, omdat juist dát het icoon is geworden van het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw?
2. Wat is goede (postabortus) begeleiding? Waarmee wordt een vrouw werkelijk geholpen en hoe helpt het doorbreken van het taboe

Reacties uitgeschakeld voor Het taboe op abortus heeft twee kanten

De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek. Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van…

Auteurs: Theo Boer en Arthur Alderliesten;  TROUW, 25 juni 2018, opinie / rubriek ethiek.

Het verbod op het kweken van embryo’s is er niet voor niets, betogen Theo Boer, hoogleraar Ethiek van de zorg aan de Theologische Universiteit Kampen, en Arthur Alderliesten, directeur van de VBOK, de organisatie die zich inzet voor de bescherming van het ongeboren kind.

Wetenschappers pleiten hartstochtelijk voor het toestaan van embryokweek. Tijdens een zitting in de Tweede Kamer stelden zij dat deze stap nodig is om ‘kinderziekten’ bij ivf weg te kunnen nemen. Door onderzoek met embryo’s hoopt men de kweekvloeistoffen die bij ivf nodig zijn, te vervolmaken. Een te laag geboortegewicht bij ivf-baby’s zou dan tot het verleden behoren. Ook hoopt men op termijn het aantal geslaagde ivf-behandelingen te kunnen verhogen, wat zou leiden tot minder verspilling van embryo’s.

Genetische aandoeningen

Maar deze beperkte toepassingen lijken nog maar het begin. Coen Brummer verdedigde op de website van Trouw eerder het gebruik van kweekembryo’s ten behoeve van genetische modificatie bij embryo’s. Daardoor zouden we genetische aandoeningen kunnen genezen.

Hoewel we de intenties lovenswaardig vinden, hebben wij moeite met de middelen en de consequenties.

Een embryo is menselijk leven. Wanneer we niet ingrijpen door abortus of het niet gebruiken als onderzoeksmateriaal, en de natuur het niet afstoot, dan groeit er uit dat klompje cellen een mens. Een uniek menselijk organisme met de codes voor geslacht, haarkleur, uiterlijk en karakter. Dat is niet bedoeld om te eindigen als onderzoeksmateriaal, maar om zich te ontwikkelen en geboren te worden.

Het lijkt ons bovendien onwaarschijnlijk dat de kweek van embryo’s beperkt zal blijven tot genoemde toepassing van ivf-verbetering. Alom pleiten wetenschappers voor het toestaan van experimenten met het genetisch bewerken van een embryo d.m.v. de CRISPR-CAS9-methode. Hiermee wordt het mogelijk om een stukje ‘ziek’ DNA uit een cel te knippen en te vervangen door niet-aangedaan DNA. Idealiter kunnen hiermee erfelijke aandoeningen worden voorkomen, maar het is onduidelijk of het ooit veilig zal zijn om veranderingen aan te brengen in het erfelijk materiaal in de kiembaan. Deze veranderingen zijn bovendien permanent en worden, met bijwerkingen, doorgegeven aan volgende generaties.

Doel heiligt niet alle middelen

Ons laatste bezwaar betreft de gevolgen van deze technologieën voor de samenleving. Als menselijk leven zozeer geïnstrumentaliseerd wordt, wat zegt dat over ons respect voor ‘leven aan de rand’ – beginnend, eindigend, gekwetst, wilsonbekwaam? Leed voorkomen is een kenmerk van een cultuur bij uitstek, maar een beschaving kenmerkt zich ook door de kunst om je ambities ‘bij te schaven’. Het doel heiligt niet alle middelen. Technologische aspiraties kunnen ons afleiden van de kunst om met het bestaan in al zijn grilligheid om te gaan. Bovendien dragen deze ontwikkelingen verder bij aan de visie dat kinderen een ‘project’ worden.

Om deze redenen bepleiten wij een instandhouding van het verbod op het kweken van embryo’s. Voorstanders van embryokweek betogen dat we door het gebruik van embryo’s die bij ivf overblijven toch al menselijk leven instrumenteel gebruiken. Dat klopt. We bepleiten daarom dat er bij ivf niet meer embryo’s worden gecreëerd dan er kans hebben om in de baarmoeder geplaatst te worden. Maar ook restembryo’s zijn toch in principe gecreëerd vanuit de oprechte intentie dat zij kans maken geboren te worden. Bij gekweekte embryo’s is die mogelijkheid op voorhand bewust afgesloten. Dat betekent een nog verder gaande instrumentalisering van menselijk leven. Die kant moeten niet op willen.

 

 

Reacties uitgeschakeld voor De intenties van embryokweek zijn lovenswaardig, de consequenties niet

Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Prof. dr. Theo A. Boer, position paper ter gelegenheid van het rondetafelgesprek van de TK, inzake de Embryowet, op 4 juni 2018; Groningen/Kampen/Utrecht, 23 mei 2018 Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder…

Prof. dr. Theo A. Boer, position paper ter gelegenheid van het rondetafelgesprek van de TK, inzake de Embryowet, op 4 juni 2018; Groningen/Kampen/Utrecht, 23 mei 2018

Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Wat een embryo precies is – behalve in biologische zin – weten we niet en zullen we waarschijnlijk ook nooit weten. De biologie en de embryologie zijn niet in staat om op normatief-antropologische vragen antwoorden te geven. Wat we slechts weten is dat we aan mensen een unieke en onvervreemdbare onaantastbaarheid toekennen, en wat we ook weten is dat embryo’s aan hun begin staan (sommigen zeggen: ‘zij ontwikkelen zich tot mens’, anderen ‘zij ontwikkelen zich als mens’). Menselijke embryo’s hebben een waarde die is verbonden met de oneindige waarde die we aan mensen toekennen. De combinatie van deze onzekerheid én van de intuïtie dat er met menselijke embryo’s iets bijzonders aan de hand is, is door de jaren heen en nog steeds, in Nederland en daarbuiten, reden om met bijzondere behoedzaamheid met embryo’s om te gaan. De Embryowet is er niet voor niets, en de rondetafel over de eventuele verruiming van de Embryowet evenmin. Er staan waarden op het spel waar we de vinger niet achter krijgen. Bij alle diversiteit tussen ethici op dit terrein zou je bijna vergeten dat we op dit punt ook veel gemeenschappelijks hebben. Die waarde heet: beschermwaardigheid.

Erfelijke aandoeningen opsporen, verhelpen

Nog een punt van overeenkomst is het streven om ziekten (in dit geval ziekten en aandoeningen die genetische wortels hebben) te voorkomen, te genezen en draaglijk te maken. Dat is naast onderzoek naar verbetering van de fertiliteit het belangrijkste motief achter embryo-onderzoek. Die goede intentie staat hier niet ter discussie.

Waar het ethisch wel schuurt, zijn de volgende punten:

  • In hoeverre rechtvaardigt het nastreven van de ene waarde het zuiver instrumenteel gebruik van de andere waarde? Moet de Kantiaanse imperatief ‘nooit een mensenleven zuiver als instrument beschouwen’, mutatis mutandis niet ook op onderzoek met individueel menselijk leven in zijn beginstadium worden toegepast? Wij hebben er in Nederland voor gekozen om onderzoek met vroege embryo’s onder zeer strikte voorwaarden toe te staan. Het is zinvol om ons te realiseren dat op dit punt ook de bestaande praktijk al een compromis is waarvan Kant zich waarschijnlijk in zijn graf zou omdraaien.
  • Genetische modificatie op het niveau van de kiembaan (één van de belangrijkste vormen van door embryologen gewenst onderzoek) is in het verleden breed afgewezen en nog altijd wil ik pleiten voor deze terughoudendheid. Ingrijpen in de kiembaan betekent ingrijpen in het mysterie van iemands persoonlijke identiteit. De ene generatie gaat nóg nadrukkelijker dan voorheen bepalen hoe toekomstige generaties eruit zullen zien. Culture zet zijn zegetocht op nature Bovendien zullen de eerste kinderen die uiteindelijk na dit onderzoek tot stand komen, feitelijk een generatie proefpersonen zijn, die voor dit onderzoek geen toestemming hebben kunnen geven en wel de eventuele (wellicht ingrijpende) gevolgen en ongewenste bijeffecten van genetisch ingrijpen moeten ondergaan.
  • Het bestaande moratorium op het kweken van embryo’s speciaal voor onderzoek legt onderzoekers die over meer dan alleen restembryo’s na IVF willen beschikken, beperkingen op. Toch is het zinvol om ons te realiseren dat ook het toestaan van het gebruik van restembryo’s al het resultaat is van een maatschappelijk compromis tussen botsende waarden.
  • Onvoldoende is bekend over de gevolgen van embryo-onderzoek op de langere termijn. Wanneer wij onderzoek doen met en aan embryo’s, hetzij voor diagnostiek, hetzij met het oog op in te grijpen in het genetisch materiaal, zullen de gevolgen zich dan beperken tot het verhelpen van ziekten of zullen zich op termijn ook andere doelen aandienen? Biologisch gesproken is de grens tussen bestrijding van ziekten en mensverbetering flinterdun. In de media wordt regelmatig de indruk gewekt dat we met behulp van genetisch onderzoek op termijn een ziektevrije samenleving kunnen creëren. (Vergelijk wat Dorien Pessers ‘verlossingsfantasieën’ noemt.) Dat kan leiden tot overspannen verwachtingen en een té groot credit voor genetisch onderzoek met embryo’s.
  • Veelvuldig wordt verwezen naar het feit dat Nederland op dit terrein niet wil achterlopen. Mij interesseert de vraag naar de empirische basis. In hoeveel van de ruim 200 landen in de wereld wordt anno 2018 embryo-onderzoek verricht waarbij de onderzoekers over meer middelen en ruimere wettelijke kaders kunnen beschikken dan Nederland?
  • Gezien het feit dat embryo-onderzoek moreel gevoelig ligt, is een van de zeer belangrijke vragen of alle mogelijkheden tot alternatief onderzoek al zijn uitgeput. Concreet is te denken aan onderzoek met behulp van dierlijke embryo’s en onderzoek met pluripotente stamcellen.
  • De suggestie dat Nederland ‘niet achter moet lopen’ suggereert dat ruimere mogelijkheden van onderzoek met menselijke embryo’s een vorm van vooruitgang zijn. Dat moge zuiver technisch zo zijn, maar daarmee is nog allerminst de vraag beantwoord of dit ook cultureel een vooruitgang is. Een cultuur (be-schaving) kenmerkt zich behalve door ontwikkeling en ontdekking immers steeds ook door terughoudendheid.

 

De position papers van de overige deelnemers aan het ronde tafelgesprek zijn te vinden op de website van de Tweede Kamer:

 

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Het embryo: ondefinieerbaar bijzonder

Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland

Abortusregistratie Nederland, 23 maart 2018   Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland, met meer dan 11 zwangerschapsafbrekingen per 1.000 vrouwen van 15-44…

Abortusregistratie Nederland, 23 maart 2018

 

Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland, met meer dan 11 zwangerschapsafbrekingen per 1.000 vrouwen van 15-44 jaar. #abortus https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/seksueel-risicogedrag/regionaal-

 

Reactie Nederlandse Patientenvereniging (NPV): en dan besef je dat ‘abortus’ weinig te maken heeft met zelfbeschikking, maar alles met invloed omgeving: druk/dwang of ontbreken sociale steun, aanbod abortusklinieken en etniciteit.

Reacties uitgeschakeld voor Het abortuscijfer is het hoogst in de provincies Flevoland gevolgd door Noord- en Zuid-Holland

Elk jaar 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor ‘late’ abortus

Gazet van Antwerpen, 15 maart 2018

Volgens de Belgische wet is abortus toegestaan tot 12 weken na de bevruchting, met een verplichte wachttijd van zes dagen.
In Nederland is abortus tot 24 weken toegestaan onder bepaalde voorwaarden. Dit geeft aanleiding voor buitenlandse vrouwen om in Nederland abortus te laten uitvoeren. Elk jaar komen ongeveer 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor zwangerschaps-afbreking (abortus) na 12 weken te laten uitvoeren, zie artikel hieronder.

Reacties uitgeschakeld voor Elk jaar 500 Belgische vrouwen naar Nederland voor ‘late’ abortus

Abortuspil via huisarts: onzorgvuldig voor de vrouw, respectloos voor het kind

Door Arthur Alderliesten – Directeur VBOK, 22 februari 2018. In het initiatief wetsvoorstel voor de abortuspil via de huisarts hebben GroenLinks en PvdA te weinig oog voor de complexe keuze waarvoor…

Door Arthur Alderliesten – Directeur VBOK, 22 februari 2018.

In het initiatief wetsvoorstel voor de abortuspil via de huisarts hebben GroenLinks en PvdA te weinig oog voor de complexe keuze waarvoor de vrouw staat. De huisarts heeft niet de tijd noch de expertise die nodig is om de onbedoeld zwangere vrouw te begeleiden. Een pleidooi voor meer zorgvuldigheid voor de vrouw en bescherming van het ongeboren kind.

Waar het om gaat- Abortuspil bij de huisarts

Het initiatief wetsvoorstel van GroenLinks en PvdA om de abortuspil beschikbaar te stellen via de huisarts is verrassend. Ten eerste, omdat de regerende partijen rond het regeerakkoord besloten een streep te zetten door het eerdere wetsvoorstel over de abortuspil van minister Schippers [2]. Ten tweede krijgt het ongeboren leven te weinig aandacht. Drie belangrijkste punten van kritiek op de initiatiefwetgeving (eerdere kritiekpunten kunt u hier en hier lezen):

Vrouw verdient meer begeleiding dan een huisarts kan bieden

Het is zeker niet per definitie slecht wanneer een huisarts betrokken is bij een vrouw die onbedoeld zwanger is. Het vraagt wel extra inzet en deskundigheid. Het Nederlands genootschap voor abortusartsen (NGvA) is daarom kritisch. In haar Richtlijn begeleiding van vrouwen die een zwangerschapsafbreking overwegen’ schrijft ze dat huisartsen vaak niet de juiste kennis hebben om een vrouw goed te begeleiden . De NGvA geeft aan dat het een forse uitdaging zal zijn voor huisartsen om dezelfde kwaliteit te leveren bij o.a. termijnbepaling, bereikbaarheid en keuzemogelijkheden als abortusklinieken en ziekenhuizen. 

Beraadtermijn

Voor een abortus geldt een beraadtermijn van vijf dagen, behalve als het gaat om een overtijdbehandeling (voor 9 weken) met bijvoorbeeld de abortuspil. De Raad van State drong bij het eerdere wetsvoorstel aan op het handhaven van deze beraadtermijn, ook bij de abortuspil via de huisarts. GroenLinks en PvdA beroepen zich nu op de huisartsenvereniging LHV om het tegenovergestelde te beweren. Zij stellen dat het “uit medisch, psychologisch en sociaal oogpunt wenselijk is dat vrouwen die een overtijdbehandeling willen dit met een zo kort mogelijke vertraging kunnen doen.” Dat is echt de omgekeerde wereld. Het is juist belangrijk om zorgvuldig een keuze te maken en niet aan te sturen op een snelle beslissing. Dat is precies waarvoor de beraadtermijn in het leven is geroepen. De VBOK ziet daarom graag dat de overtijdbehandeling onder de wet afbreking zwangerschap valt, zodat ook de beraadtermijn geldt. Dát is recht doen aan de complexe keuze waar de vrouw voor staat.

Ongeboren menselijk leven

Het woordje ‘vrouw’ komt 42 keer voor. De woorden ‘embryo’, ‘kind’, ‘foetus’ en ‘ongeboren’ niet één keer. Daarmee is veel gezegd. Zoekt de wet afbreking zwangerschap nog de precaire balans tussen het belang van de vrouw en het ongeboren kind, GroenLinks en PvdA hebben hier geen oog voor. Dat is kwalijk. Ze geven aan de pro-life-gedachte te respecteren omdat het wetsvoorstel abortus niet aanmoedigt, bevordert of verplicht. Dat lijkt me de meest smalle opvatting van beschermwaardigheid van het ongeboren leven die je maar kunt bedenken.

Het ongeboren menselijk leven verdient meer respect. Het verdient bescherming tegen keuzes die wellicht in blinde paniek worden genomen, in rap tempo gefaciliteerd door de huisarts met een volle wachtkamer hijgend in haar nek.

[2] Het kan politiek gezien nog spannend worden. Het opiniepanel-eenvandaag onderzocht het maatschappelijk draagvlak voor de voorgestelde wijziging. 63 procent spreekt zich uit voor een wetswijziging, dus voor het verstrekken van de abortuspil door de huisarts. 23 procent is tegen; 14 procent heeft geen mening. Ook binnen de achterbannen van de coalitiepartijen is een meerderheid voor.

Reacties uitgeschakeld voor Abortuspil via huisarts: onzorgvuldig voor de vrouw, respectloos voor het kind

Zwangere als speelbal in politiek spel rond abortuspil

NPV / zorg voor het leven, 23 februari 2018 Auteur: Elise van Hoek-Burgerhart is manager beleidsbeïnvloeding   Groen Links en de PvdA vinden dat de huisarts voortaan de abortuspil moet…

NPV / zorg voor het leven, 23 februari 2018

Auteur: Elise van Hoek-Burgerhart is manager beleidsbeïnvloeding

 

Groen Links en de PvdA vinden dat de huisarts voortaan de abortuspil moet kunnen verstrekken. In een initiatiefwet stellen deze partijen dat een vergunning, zoals die voor abortusklinieken geldt, niet nodig is. De Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) steunt dit plan.

De idee dat de abortuspil een makkelijk te slikken pil is en een abortus eenvoudiger maakt in vertrouwde handen bij de eigen huisarts, is een misverstand. De ‘abortuspil’ (Sunmedabon) is geen pil maar een proces, met meerdere handelingen en beslismomenten.  Eerst is een gesprek nodig met de huisarts. Is er sprake van een noodsituatie of zijn er alternatieven? Dan kiest de vrouw: een abortuspil of een zuigcurettage bij een abortuskliniek. Daar wordt een echo gemaakt om de zwangerschapsduur vast te stellen. Vervolgens moet ze terug naar de huisarts, die de echo bekijkt en dan de abortuspil voorschrijft. De vrouw slikt de eerste pil (mifepriston) die de groei van het ongeboren leven in haar stopt. Na 36 tot 48 uur moet ze terugkomen bij haar arts. In deze tijd sterft het embryo. Vervolgens moeten er – onder begeleiding van een professional – 4 pillen vaginaal (misoprostol) worden ingebracht. Kort daarop krijgt de vrouw buikkrampen en bloedverlies. Dit kan hevig en pijnlijk zijn. Binnen vier uur wordt het embryo uitgestoten. Het bloedverlies houdt ongeveer één week aan. Toch is dit bloedverlies geen garantie dat de zwangerschap voorbij is. Na drie weken volgt een nacontrole. Als blijkt dat de zwangerschap niet afgebroken is en het embryo nog leeft, of als er resten zijn achtergebleven, wordt haar alsnog een abortus via een curettage aangeboden.

De steun van de LHV voor de abortuspil is opmerkelijk. ‘De spreekkamer van huisartsen zit veel te vol voor nog meer taken’, zei de beroeps­vereniging nog geen jaar geleden in Trouw. ‘Als het kabinet zo graag wil dat wij taken overnemen van het duurdere ziekenhuis, moet de nu al overbelaste huisarts daarvoor ook ruimte krijgen’, aldus de huisartsen. Ook vindt de LHV de juridische eisen van de abortuswet (Waz) te veel gevraagd. Huisartsen moeten dan immers een vergunning aanvragen om de abortuspil te mogen verstrekken.

Regeerakkoord

Geen abortuspil bij de huisarts, besloten VVD, CDA, D66 en CU toen zij spraken over het regeerakkoord. Minister Schippers sprak eerder al ondubbelzinnig uit dat eerst een wetswijziging nodig is om vroege, medicamenteuze abortus door de huisarts te legaliseren. Wat drijft PvdA en GroenLinks nu met een wetsvoorstel te komen? Politieke profilering? Angst voor Women on Waves, die artsen tijdens een cursus wil vertellen hoe ze de pil kunnen voorschrijven? Druk vanuit de LHV en de artsenfederatie KNMG, die al sinds 2008 pleiten voor verkrijgbaarheid van de pil?

De abortuswet vraagt dringend om een evaluatie. De wet bestaat inmiddels ruim 35 jaar en is één keer geëvalueerd. Dit is opmerkelijk, omdat het om een beladen onderwerp gaat dat de jure nog altijd strafbaar, tenzij er sprake is van een noodsituatie. De euthanasiewet bijvoorbeeld wordt iedere vijf jaar geëvalueerd. In maart 2016 zegde minister Schippers al toe de abortuswet te evalueren. Minister de Jonge wil voor zomer 2018 de onderzoekers aan het werk zetten, zodat in 2020 het evaluatierapport beschikbaar is. De Jonge kan de lobbyisten voor de abortuspil daarop wijzen. Het belang van de vrouw en haar ongeboren kind moeten leidend zijn, niet de scoredrift van politieke partijen.

 

Reacties uitgeschakeld voor Zwangere als speelbal in politiek spel rond abortuspil

Opnieuw wetsvoorstel abortuspil via huisarts

Medische Contact, 21 februari 2018 Auteur: Simone Paauw (1978), ze werkt sinds april 2008 als journalist en webredacteur bij Medisch Contact. GroenLinks en de PvdA willen dat huisartsen de abortuspil…

Medische Contact, 21 februari 2018

Auteur: Simone Paauw (1978), ze werkt sinds april 2008 als journalist en webredacteur bij Medisch Contact.

GroenLinks en de PvdA willen dat huisartsen de abortuspil tóch mogen verstrekken. In een door beide fracties ingediend nieuw wetsvoorstel hoeven huisartsen niet individueel een vergunning aan te vragen, wat administratieve rompslomp scheelt, stellen de indieners.

Voormalig minister van VWS Edith Schippers stond al positief tegenover de verstrekking van de abortuspil door de huisarts. Maar het nieuwe kabinet veegde, buiten het coalitieakkoord om, haar plannen in oktober van tafel, omdat deze te veel administratieve lasten voor huisartsen met zich mee zouden brengen, die zich er namelijk voor zouden moeten certificeren.

Volgens het nieuwe wetsvoorstel van PvdA en GroenLinks hoeven huisartsen die de abortuspil willen verstrekken geen vergunning aan te vragen. De indieners stellen voor dat huisartsen via een uitzonderingsbepaling in de wet gemachtigd kunnen worden een medicamenteuze afbreking van de zwangerschap uit te voeren. Door zo’n strafgronduitsluiting wordt bewerkstelligd dat huisartsen niet meer strafbaar zijn indien ze een medicamenteuze afbreking van de zwangerschap verrichten. De beroepsgroep moet daarbij zorgen voor adequate scholing, voor samenwerking met relevante professionals en voor wettelijk vereiste rapportage. Voor de scholing heeft het Nederlands Huisartsen genootschap (NHG) als een scholingspakket samengesteld, aldus de indieners van het initiatiefwetsvoorstel. Doordat er geen vergunning hoeft te worden aangevraagd én omdat het aantal behandelingen per huisarts niet zeer groot zal zijn, verwachten de indieners geen substantiële  verhoging van de administratieve lastendruk voor huisartsen.

Keuzevrijheid

De twee fracties vinden het belangrijk dat de keuzevrijheid van vrouwen die tot negen weken zwanger zijn toeneemt. Nu kunnen zij voor zwangerschapsafbreking alleen terecht in een abortuskliniek of ziekenhuis. Dat zou uitgebreid worden met de mogelijkheid van behandeling bij de huisarts, die voor veel vrouwen een vertrouwde en laagdrempelige zorgprofessional is, en waar ze vaak toch al komen voor een doorverwijzing.

De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) staat positief tegenover het wetsvoorstel, zegt een woordvoerder. ‘Wij waren al vóór verstrekking van de abortuspil door de huisarts, omdat het NHG heeft geconstateerd dat huisartsen deze behandeling prima kunnen uitvoeren. Maar in het vorige wetsvoorstel was nog veel ruimte voor interpretatieverschillen over het wettelijk kader én het bracht een enorme lastenverzwaring met zich mee voor huisartsen, vanwege de vergunningsplicht. In dit nieuwe wetsvoorstel is het voor huisartsen niet verplicht medicamenteuze zwangerschapsafbreking uit te gaan voeren, maar voor de huisartsen die dit wel willen is de keuze eenvoudiger. In plaats van een vergunningstraject te doorlopen, kunnen ze een laagdrempeliger scholing volgen.’

Reacties uitgeschakeld voor Opnieuw wetsvoorstel abortuspil via huisarts

Type uw zoekwoord in onderstaand veld. Druk hierna op enter/return om te zoeken